Mijn schuldgevoel neemt me bij vlagen over. Ik zou graag alleen bij dat balletje licht, opluchting en hoop blijven. Alleen dat. Ik mag dood. En dat de rest van de wereld daar geen last van zou hebben. En dat ik eens een keer geen last mag hebben van de wereld. Het balletje is onaantastbaar, sterk en krachtig, maar kan ik het laten groeien en mij helemaal laten overnemen en zijn. Ik mag dood. Ik mag dood. Ik mag dood. Fragment uit: Laat me gaan als de bomen bloeien (2024), Uitgeverij Donkigotte. Het boek is in elke boekhandel te bestellen en via laatmegaanalsdebomenbloeien.nl.

‘Mijn doodswens toelaten en omarmen heeft me meer rust gebracht dan welke behandeling dan ook. Het idee dat het leven misschien wel eindig is, in plaats van uitzichtloos’

 Natasja schreef een boek over haar strijd met het leven

Foto: josje deekens

Foto: Maurits Giesen

MINDER ONGEMAKKELIJK

In haar boek is Natasja erg openhartig over de eenzaamheid en eindeloosheid van haar lange weg naar een menswaardige dood. Wat hoopt ze daarmee te bereiken? ‘Ik hoop dat het minder ongemakkelijk wordt om over euthanasie te praten. Ik kwam laatst een oud-collega tegen op straat, die op Facebook had gelezen over mijn euthanasietraject. We hadden een fijn en ontspannen gesprekje van een minuut of vijf en liepen daarna allebei weer verder. Het zou de situatie al zoveel beter maken als die chillheid wat breder gedragen zou zijn.’ 

Natasja zou het ook fijn vinden als ze binnen de ggz zouden inzien dat een gesprek aangaan over dood willen niet direct betekent dat je iemand de dood in kletst. ‘Dat gesprek kan en mag er gewoon zijn. Ik denk zelfs dat het zelfdoding kan voorkomen.’ En wat is er volgens Natasja nodig voor die veranderingen? ‘Een beetje nieuwsgierigheid is al genoeg. Dat ik dood wil, is mijn keuze. Die hoef je niet te begrijpen of te accepteren. Je hoeft me alleen maar te geloven als ik zeg dat ik euthanasie wil omdat mijn leven ondraaglijk is. En het is niet alsof ik het niet heb geprobeerd.’

Natasja overleed op 27 maart 2024.

DUBBEL GEVOEL

Nadat ze haar euthanasieverzoek had ingediend bij EE had Natasja zich voorbereid op een wachttijd van minimaal twee jaar. Maar haar verzoek werd al na een paar maanden in behandeling genomen. Hoewel een ‘nee’ daarmee ook dichterbij kwam, gaf het haar toch de nodige rust. ‘Mijn doodswens toelaten en omarmen heeft me meer rust gebracht dan welke behandeling dan ook. Het idee dat het leven misschien wel eindig is, in plaats van uitzichtloos’, zegt ze. Na een in haar ogen onterechte afwijzing in de zomer van 2023, die voor een diep dal zorgde, kwam het euthanasietraject eind vorig jaar toch in een stroomversnelling. Voor de mensen die het dichtst bij haar staan is die snelheid moeilijk te verteren. ‘Wat dit hele traject met mijn moeder doet, is de reden waarom ik al vijftien jaar lang mijn best doe om het leven vol te houden’, zegt Natasja. ‘Ze heeft dit moment al jaren zien aankomen, weet dat dit het beste voor mij is, gunt me mijn rust en steunt me in alles. Maar ik merk nu dat ze echt aan het instorten is. Voor mij is dat heel dubbel, omdat ik alleen maar meer rust voel naarmate de euthanasie dichterbij komt.’ Natasja’s zusje heeft het er net zo moeilijk mee, maar beleeft alles wat meer op afstand. ‘Met haar doe ik nog de leuke zussendingen.’ 

Natasja had verwacht dat het positieve besluit van de SCEN-arts hetzelfde gevoel zou geven als de second opinion van de psycholoog: opluchting en blijdschap. Dat viel tegen. ‘Ik ben samen met de kat en een knuffel op de bank gaan liggen om een Disneyfilm te kijken. Ik was helemaal niet blij. De strijd om te mogen sterven had ik gewonnen, maar het betekende ook dat ik definitief had verloren van het leven. Niemand kon nog iets verzinnen om me te helpen, ik was echt uitbehandeld. “Het voelt alsof ik om mijn eigen leven moet rouwen”, appte ik naar Marie-Anne. Maar ook dat gevoel heeft me geen seconde aan het twijfelen gebracht.’ 

Het wachten op een datum voor de euthanasie duurt lang. ‘Ik haal rust uit het feit dat ik dood mag, maar het continue wachten is zenuwslopend. Ook gaan mijn emoties nog steeds alle kanten op. Maar vanaf het moment dat het traject in november 2023 is gaan lopen, voelt het alleen maar goed. Ik kan weer functioneren. Ondanks alle spanning waren de afgelopen maanden de beste maanden die ik in jaren heb gehad.’ Natasja ondernam van alles: naar de sneeuw in Zweden, naar Londen met haar zusje, naar het zwembad met haar nicht en drie jonge neefjes... ‘Ik weet dat het me sloopt, maar who cares dat ik nu over mijn eigen grenzen heen ga. Ik krijg extra energie van de wetenschap dat het over niet al te lange tijd ophoudt. Ik hoef mezelf niet af te remmen.’

VERMOEIEND

Natasja hield haar doodswens jarenlang voor zich uit angst voor de reacties van anderen. ‘De meeste mensen schrikken ervan. Ik snap dat ook wel: ik heb niet altijd gezegd hoe donker mijn dagen waren of hoe slecht ik me voelde.’ Natasja krijgt geregeld de vraag of ze alles wel geprobeerd en gedaan heeft in het leven. Vermoeiend, vindt ze. ‘Alles wat mensen beschouwen als je leven leiden – uitgaan, reizen, noem maar op – wil ik niet. En áls ik het had gewild, dan had ik het allang gedaan. Ik heb keihard mijn best gedaan om mijn beste leven te leiden. Maar ik wil het niet en ik kan het niet.’ 

Op een menswaardige manier sterven is haar grootste wens, maar dat blijkt een moeizaam proces. ‘In mijn jaren binnen de ggz lag de nadruk in de behandelingen en tijdens opnames bijna altijd op mijn suïcidaliteit. Maar ik wijk af van het standaardidee rondom suïcidaliteit: ik denk niet per se dat de wereld beter af is zonder mij en weet ook dat er mensen zijn die van mij houden en mij gaan missen als ik er niet meer ben.’ 

Euthanasie zou een uitweg kunnen zijn, maar Natasja was er altijd van overtuigd dat Expertisecentrum Euthanasie (EE) haar wens niet zou inwilligen. ‘Op het eerste gezicht had ik het prima voor elkaar, dus ik was bang dat ze niet zouden geloven dat ik ondraaglijk lijd aan het leven.’ Marie-Anne, die een tijdje Natasja’s persoonlijk begeleider was en met wie ze altijd contact hield, was de eerste die bereid was écht naar haar te luisteren. ‘Marie-Anne was de enige die het lef had om het gesprek over mijn doodswens met open vizier aan te gaan. Door die steun durfde ik de stap te zetten om toch een verzoek in te dienen bij EE.’

De zon schijnt voorzichtig naar binnen in het appartement van Natasja op deze frisse ochtend in maart. Op de eettafel ligt een onafgemaakte puzzel, op en naast de koffietafel liggen allerlei haak- en borduurwerkjes. Natasja zit op de bank. Ze checkt haar telefoon, die zachtjes trilt. Helaas, het is geen telefoontje over de voortgang van haar euthanasietraject. Ze wacht al weken op een datum. Het liefst nog in maart, want dat is de maand waarin de bomen bloeien.

Al op jonge leeftijd werd Natasja geconfronteerd met de dood. ‘Mijn vader overleed toen ik zeven jaar was. In juli kreeg hij hoofdpijn, in september was hij dood’, vertelt ze. Natasja heeft geen afscheid van hem kunnen nemen: het beleid van het ziekenhuis was dat de IC geen plek was voor kinderen. ‘Daarna ben ik een tijdje bang geweest om ook zomaar dood te gaan. Maar op een gegeven moment veranderde er iets in mijn autistische, hoogbegaafde brein. Ik dacht: als ik doodga, dan is het wel in één keer klaar. Dood is het einde, dood is rust.’

Vanaf haar middelbareschooltijd werd zelf­beschadiging een manier om ‘met de wereld te dealen’, zoals Natasja het omschrijft. ‘Ik was veertien toen ik voor het eerst doelbewust een kras maakte in mijn pols.’ Ze wist de zelfbeschadiging lang geheim te houden, maar in 2010 sneed ze iets dieper in haar pols dan de bedoeling was. Vanaf dat moment kwam Natasja onder behandeling van de jeugd-ggz. ‘Mijn moeder was verschrikkelijk overstuur. Dat ik daarna op kamers ging in Leiden om geneeskunde te studeren, vond ze afgrijselijk. Het betekende dat ze per definitie te laat zou zijn als er weer iets zou gebeuren.’ In Leiden genoot Natasja van het studeren. Patholoog-anatoom worden was haar droom. Maar de coschappen vormden een drempel. Die bleek zo hoog, dat ze besloot over te stappen naar religiewetenschappen. Natasja: ‘Ik probeerde het leven naar mijn beste vermogen te leiden. Dat ging best goed, want ik ben zeven jaar gestopt met mezelf beschadigen. Maar dat deed niks af aan het dood willen. Als je me had laten kiezen tussen mijn diploma in ontvangst nemen of de ochtend van de uitreiking niet meer wakker worden, dan had ik voor dat laatste gekozen.’

‘Dood is het einde, dood is rust’

Natasja de Jong (31) wil al haar halve leven dood. Haar grootste wens is op een menswaardige manier afscheid te nemen van het leven, maar ze denkt lange tijd dat dit haar niet gegund is. Door te vertellen over haar persoonlijke strijd hoopt ze anderen te helpen. Ze schreef er ook een boek over: Laat me gaan als de bomen bloeien. Dieuwke de Boer

Mijn schuldgevoel neemt me bij vlagen over. Ik zou graag alleen bij dat balletje licht, opluchting en hoop blijven. Alleen dat. Ik mag dood. En dat de rest van de wereld daar geen last van zou hebben. En dat ik eens een keer geen last mag hebben van de wereld. Het balletje is onaantastbaar, sterk en krachtig, maar kan ik het laten groeien en mij helemaal laten overnemen en zijn. Ik mag dood. Ik mag dood. Ik mag dood. Fragment uit: Laat me gaan als de bomen bloeien (2024), Uitgeverij Donkigotte. Het boek is in elke boekhandel te bestellen en via laatmegaanalsdebomenbloeien.nl.

Foto: josje deekens

DUBBEL GEVOEL

Nadat ze haar euthanasieverzoek had ingediend bij EE had Natasja zich voorbereid op een wachttijd van minimaal twee jaar. Maar haar verzoek werd al na een paar maanden in behandeling genomen. Hoewel een ‘nee’ daarmee ook dichterbij kwam, gaf het haar toch de nodige rust. ‘Mijn doodswens toelaten en omarmen heeft me meer rust gebracht dan welke behandeling dan ook. Het idee dat het leven misschien wel eindig is, in plaats van uitzichtloos’, zegt ze. Na een in haar ogen onterechte afwijzing in de zomer van 2023, die voor een diep dal zorgde, kwam het euthanasietraject eind vorig jaar toch in een stroomversnelling. Voor de mensen die het dichtst bij haar staan is die snelheid moeilijk te verteren. ‘Wat dit hele traject met mijn moeder doet, is de reden waarom ik al vijftien jaar lang mijn best doe om het leven vol te houden’, zegt Natasja. ‘Ze heeft dit moment al jaren zien aankomen, weet dat dit het beste voor mij is, gunt me mijn rust en steunt me in alles. Maar ik merk nu dat ze echt aan het instorten is. Voor mij is dat heel dubbel, omdat ik alleen maar meer rust voel naarmate de euthanasie dichterbij komt.’ Natasja’s zusje heeft het er net zo moeilijk mee, maar beleeft alles wat meer op afstand. ‘Met haar doe ik nog de leuke zussendingen.’ 

Natasja had verwacht dat het positieve besluit van de SCEN-arts hetzelfde gevoel zou geven als de second opinion van de psycholoog: opluchting en blijdschap. Dat viel tegen. ‘Ik ben samen met de kat en een knuffel op de bank gaan liggen om een Disneyfilm te kijken. Ik was helemaal niet blij. De strijd om te mogen sterven had ik gewonnen, maar het betekende ook dat ik definitief had verloren van het leven. Niemand kon nog iets verzinnen om me te helpen, ik was echt uitbehandeld. “Het voelt alsof ik om mijn eigen leven moet rouwen”, appte ik naar Marie-Anne. Maar ook dat gevoel heeft me geen seconde aan het twijfelen gebracht.’ 

Het wachten op een datum voor de euthanasie duurt lang. ‘Ik haal rust uit het feit dat ik dood mag, maar het continue wachten is zenuwslopend. Ook gaan mijn emoties nog steeds alle kanten op. Maar vanaf het moment dat het traject in november 2023 is gaan lopen, voelt het alleen maar goed. Ik kan weer functioneren. Ondanks alle spanning waren de afgelopen maanden de beste maanden die ik in jaren heb gehad.’ Natasja ondernam van alles: naar de sneeuw in Zweden, naar Londen met haar zusje, naar het zwembad met haar nicht en drie jonge neefjes... ‘Ik weet dat het me sloopt, maar who cares dat ik nu over mijn eigen grenzen heen ga. Ik krijg extra energie van de wetenschap dat het over niet al te lange tijd ophoudt. Ik hoef mezelf niet af te remmen.’

MINDER ONGEMAKKELIJK

In haar boek is Natasja erg openhartig over de eenzaamheid en eindeloosheid van haar lange weg naar een menswaardige dood. Wat hoopt ze daarmee te bereiken? ‘Ik hoop dat het minder ongemakkelijk wordt om over euthanasie te praten. Ik kwam laatst een oud-collega tegen op straat, die op Facebook had gelezen over mijn euthanasietraject. We hadden een fijn en ontspannen gesprekje van een minuut of vijf en liepen daarna allebei weer verder. Het zou de situatie al zoveel beter maken als die chillheid wat breder gedragen zou zijn.’ 

Natasja zou het ook fijn vinden als ze binnen de ggz zouden inzien dat een gesprek aangaan over dood willen niet direct betekent dat je iemand de dood in kletst. ‘Dat gesprek kan en mag er gewoon zijn. Ik denk zelfs dat het zelfdoding kan voorkomen.’ En wat is er volgens Natasja nodig voor die veranderingen? ‘Een beetje nieuwsgierigheid is al genoeg. Dat ik dood wil, is mijn keuze. Die hoef je niet te begrijpen of te accepteren. Je hoeft me alleen maar te geloven als ik zeg dat ik euthanasie wil omdat mijn leven ondraaglijk is. En het is niet alsof ik het niet heb geprobeerd.’

Natasja overleed op 27 maart 2024.

VERMOEIEND

Natasja hield haar doodswens jarenlang voor zich uit angst voor de reacties van anderen. ‘De meeste mensen schrikken ervan. Ik snap dat ook wel: ik heb niet altijd gezegd hoe donker mijn dagen waren of hoe slecht ik me voelde.’ Natasja krijgt geregeld de vraag of ze alles wel geprobeerd en gedaan heeft in het leven. Vermoeiend, vindt ze. ‘Alles wat mensen beschouwen als je leven leiden – uitgaan, reizen, noem maar op – wil ik niet. En áls ik het had gewild, dan had ik het allang gedaan. Ik heb keihard mijn best gedaan om mijn beste leven te leiden. Maar ik wil het niet en ik kan het niet.’ 

Op een menswaardige manier sterven is haar grootste wens, maar dat blijkt een moeizaam proces. ‘In mijn jaren binnen de ggz lag de nadruk in de behandelingen en tijdens opnames bijna altijd op mijn suïcidaliteit. Maar ik wijk af van het standaardidee rondom suïcidaliteit: ik denk niet per se dat de wereld beter af is zonder mij en weet ook dat er mensen zijn die van mij houden en mij gaan missen als ik er niet meer ben.’ 

Euthanasie zou een uitweg kunnen zijn, maar Natasja was er altijd van overtuigd dat Expertisecentrum Euthanasie (EE) haar wens niet zou inwilligen. ‘Op het eerste gezicht had ik het prima voor elkaar, dus ik was bang dat ze niet zouden geloven dat ik ondraaglijk lijd aan het leven.’ Marie-Anne, die een tijdje Natasja’s persoonlijk begeleider was en met wie ze altijd contact hield, was de eerste die bereid was écht naar haar te luisteren. ‘Marie-Anne was de enige die het lef had om het gesprek over mijn doodswens met open vizier aan te gaan. Door die steun durfde ik de stap te zetten om toch een verzoek in te dienen bij EE.’

De zon schijnt voorzichtig naar binnen in het appartement van Natasja op deze frisse ochtend in maart. Op de eettafel ligt een onafgemaakte puzzel, op en naast de koffietafel liggen allerlei haak- en borduurwerkjes. Natasja zit op de bank. Ze checkt haar telefoon, die zachtjes trilt. Helaas, het is geen telefoontje over de voortgang van haar euthanasietraject. Ze wacht al weken op een datum. Het liefst nog in maart, want dat is de maand waarin de bomen bloeien.

Al op jonge leeftijd werd Natasja geconfronteerd met de dood. ‘Mijn vader overleed toen ik zeven jaar was. In juli kreeg hij hoofdpijn, in september was hij dood’, vertelt ze. Natasja heeft geen afscheid van hem kunnen nemen: het beleid van het ziekenhuis was dat de IC geen plek was voor kinderen. ‘Daarna ben ik een tijdje bang geweest om ook zomaar dood te gaan. Maar op een gegeven moment veranderde er iets in mijn autistische, hoogbegaafde brein. Ik dacht: als ik doodga, dan is het wel in één keer klaar. Dood is het einde, dood is rust.’

Vanaf haar middelbareschooltijd werd zelf­beschadiging een manier om ‘met de wereld te dealen’, zoals Natasja het omschrijft. ‘Ik was veertien toen ik voor het eerst doelbewust een kras maakte in mijn pols.’ Ze wist de zelfbeschadiging lang geheim te houden, maar in 2010 sneed ze iets dieper in haar pols dan de bedoeling was. Vanaf dat moment kwam Natasja onder behandeling van de jeugd-ggz. ‘Mijn moeder was verschrikkelijk overstuur. Dat ik daarna op kamers ging in Leiden om geneeskunde te studeren, vond ze afgrijselijk. Het betekende dat ze per definitie te laat zou zijn als er weer iets zou gebeuren.’ In Leiden genoot Natasja van het studeren. Patholoog-anatoom worden was haar droom. Maar de coschappen vormden een drempel. Die bleek zo hoog, dat ze besloot over te stappen naar religiewetenschappen. Natasja: ‘Ik probeerde het leven naar mijn beste vermogen te leiden. Dat ging best goed, want ik ben zeven jaar gestopt met mezelf beschadigen. Maar dat deed niks af aan het dood willen. Als je me had laten kiezen tussen mijn diploma in ontvangst nemen of de ochtend van de uitreiking niet meer wakker worden, dan had ik voor dat laatste gekozen.’

 Natasja schreef een boek over haar strijd met het leven

‘Dood is het einde, dood is rust’

Natasja de Jong (31) wil al haar halve leven dood. Haar grootste wens is op een menswaardige manier afscheid te nemen van het leven, maar ze denkt lange tijd dat dit haar niet gegund is. Door te vertellen over haar persoonlijke strijd hoopt ze anderen te helpen. Ze schreef er ook een boek over: Laat me gaan als de bomen bloeien. Dieuwke de Boer