FOTO'S: MARTIEN VERSTEEGH

Een vrouw die staat te wachten om haar bidprentje te laten tekenen, ziet er een mooie gespreksstarter in. ‘Ik merk dat er in het verpleeghuis waar ik bij betrokken ben nauwelijks wordt gepraat over de dood, terwijl mensen er toch in hun palliatieve fase zitten. Als er al over gesproken wordt, gaat het over het medische aspect van doodgaan, niet het menselijke aspect. Ik zou graag uitzoeken of zo’n bidprentjesstand daar iets aan kan veranderen.’  

Volgens Enny gaat het allemaal over de kracht van verbeelding. ‘Dat hebben we ook gezien bij een kunstinstallatie waarin mensen met een geleide meditatie werd gevraagd naar hun eigen dode lichaam te kijken. Uiteindelijk vallen je botten uit elkaar tot stof en ga je op in het grotere geheel. Dat vinden mensen een troostend beeld. Deze ervaring zorgde voor meer waardering voor het leven. Een effect dat ook na een week nog voelbaar was bij de mensen die het kunstproject hadden bezocht. Dat vind ik prachtige conclusies. Het heeft zin met het onderwerp bezig te zijn.’ •

‘Ik moest er wel even over nadenken voor ik ja zei. Niet vanwege het thema, maar omdat ik normaal gesproken pratende eenden en ruimtevaartwezentjes teken. Geen portretten.’ Toch zei hij ja, omdat hij het een prikkelend onderwerp vond. ‘Ik kreeg eigenlijk een vrijbrief om intieme vragen te stellen. Iemand geeft me iets heel moois in zo’n kort gesprek. Ik was totaal verrast hoe openhartig mensen zijn. Ik zou zelf nooit zo makkelijk praten tegen iemand die ik niet ken over zulke persoonlijke onderwerpen. Het meest raakte me het verhaal van de man die zei dat hij moeite had met het herinneren van de dierbare die hij verloren had. Bijna alle herinneringen die op de voorgrond lagen waren die aan het moeizame ziekteproces. Ik kon me dat voorstellen en vond het verdrietig. Mensen hebben zonder uitzondering een boeiend verhaal. Het is best vermoeiend om iemand in een portretje te vangen en tegelijkertijd open te staan en te luisteren naar de intense verhalen. Maar ik ben blij dat ik ja gezegd heb.’ 

BIDPRENTJES

Enny kijkt heel tevreden terug op het festival. ‘Het was in principe bedoeld als een eenmalig evenement, als onderdeel van het vierjarige onderzoeksprogramma dat dit voorjaar afloopt. We hebben het samen met Lux en het Science-festival georganiseerd. Er kwamen wel vragen of het volgend jaar weer zou zijn. Dat voelt als een compliment. Ik zou het gaaf vinden, maar het is een enorme organisatie.’ 

De bezoekers zijn niet alleen enthousiast over de films die te zien zijn, de animo voor de bidprentjes die Jelko Arts tekent is ook groot. Vier portretten per uur tekent hij. Twee dagen lang zit hij achter een balie, tekent portretjes van mensen en gaat persoonlijke gesprekken met hen aan. Op zoek naar de quote die het leven van die persoon eer aandoet. Een van de eerste ideeën voor dit festival was precies dit: mensen over hun eigen vergankelijkheid na laten denken met een bidprentje. Juist door het door een striptekenaar te laten doen, krijgt het de luchtigheid die prettig is bij dit onderwerp.

Het is moeilijk in woorden te vangen maar ik zag dat er iets prachtigs gebeurde.’ Voor Enny is het filmfestival een droom die uitkomt. Ze loopt er stralend rond. Zelf is ze ook wat films gaan kijken, die voor haar bevestigden wat uit de onderzoeken komt. ‘Ons op een positievere manier verhouden tot de dood door een film, lukt alleen als de dood in het verhaal betekenisvol is. Een open einde werkt bijvoorbeeld niet. Gruwelijke sterfscènes ook niet. Die versterken mogelijk de doodsangst die bij ons allemaal aanwezig is. Zo bekeek ik een film waarin allemaal sterfscènes uit verschillende films achter elkaar waren gemonteerd. Ik verwachtte daarvan te leren, bijvoorbeeld over hoe mensen verschillend sterven. Het waren echter vooral horrorscènes. Daar wen je, gek genoeg, na verloop van tijd ook aan. Maar een positief effect had het bepaald niet.’ Dat was wel het geval bij bijvoorbeeld After life. ‘In die film komen mensen erachter dat ze dood zijn. Ze krijgen te horen dat ze één herinnering mee mogen nemen naar het hiernamaals. Samen met een coach denken ze na over welke herinnering dat moet zijn. Die film heeft me echt aan het denken gezet.’

TRAUMATISCH

Dat mensen de dood niet altijd een fijn gespreksonderwerp vinden, heeft Enny in haar eigen familie ondervonden. Haar ouders verloren twee kinderen. ‘De eerstgeborene is tijdens de bevalling gestikt. En mijn jongste broer was er een van een tweeling. Het tweede kindje overleed een paar dagen na de bevalling. Dat zijn vreselijk traumatische gebeurtenissen geweest waar niet over werd gesproken. Maar ik voelde dat als kind natuurlijk wel. Het lag als een zware deken over ons gezin heen. Als er zo’n groot verdriet is waar niet over wordt gepraat, dan krijgt het geen plek. Dan kun je volgens mij niet voluit leven. Ook niet als kind.’ Enny denkt dat hier haar belangstelling voor het onderwerp is ontstaan. Haar moeder leeft niet meer, maar haar vader nog wel. Toen er een groot stuk over Enny’s onderzoek verscheen in NRC, zei ze tegen haar vader: ‘Kijk, ik sta in de krant’. Haar vader ging op de bank zitten lezen. ‘Hij was heel stil, terwijl hij normaal gesproken snel iets zou zeggen. Hij las het van begin tot eind. Ik vond dat wel spannend. Ik zag dat het hem raakte. Toen hij klaar was, zei hij dat het mooi was.


Een stel loopt met het programmaboekje rond. De vrouw, Georgia, vertelt dat ze een dagje uit zijn. ‘Ik wilde het filmhuis hier graag zien en werd nieuwsgierig naar het festival. Ik vind het prachtig: praten over de dood.’ Haar man heeft niets met het onderwerp. ‘Prima toch? Ik ga gewoon een biertje drinken.’ Georgia’s ogen glinsteren als ze vertelt dat ze in ieder geval een bidprentje wil laten maken. Ze belt ook met het hiernamaals. Of liever gezegd: het hiernamaals belt met haar. Als je aangeeft mee te willen doen, krijg je de vraag in een leunstoel te gaan zitten. Dan gaat er ineens een ouderwetse draaischijftelefoon over. Een van de onderzoekers uit het team van hoogleraar communicatie en beïnvloeding Enny Das van de Radboud Universiteit laat weten uit het hiernamaals te bellen en wat vragen te willen stellen over de dood. Zoals de vraag welke films waarin de dood voorkomt van betekenis voor je zijn geweest. 

Enny vertelt dat het de eerste interviewstudie is in het vierjarige onderzoekstraject Beyond the fear of death. Ze kijken in dat traject onder meer naar de invloed van film op onze beleving van de dood. ‘Als je een vragenlijst laat invullen en mensen bijvoorbeeld vraagt wat ze van een film vonden, kan het zijn dat iemand niet verder komt dan dat hij een film wel of niet mooi vond. In een interview kun je doorvragen. De resultaten moeten we nog analyseren.’ Wel kan Enny al zeggen dat film wel degelijk iemands kijk op de dood kan veranderen. Maar alleen als die persoon al actief met het onderwerp bezig is. ‘Bijvoorbeeld omdat iemand net een dierbaar persoon heeft verloren. We kunnen dat echter óók manipuleren. Als we vlak voor het tonen van een film mensen over de dood na laten denken, zien we het effect ook. Dat is misschien niet gek, want mensen denken liever niet na over hun eigen dood. Er is dus iets voor nodig om dat wél te bewerkstelligen.’ 

Het is vol in het theatercafé Lux in Nijmegen. Niet iedereen komt voor het Sterf! Filmfestival. Zo’n vijfhonderd mensen gaan op deze twee avonden in november een of meer van de elf films bekijken, luisteren naar het verhaal van onderzoekster en initiatiefneemster Enny Das, een bidprentje laten tekenen door striptekenaar Jelko Arts of praten met het hiernamaals. • Martien Versteegh

Festival als onderdeel van onderzoeksprogramma

Film kan je kijk op de dood veranderen

TRAUMATISCH

Dat mensen de dood niet altijd een fijn gespreksonderwerp vinden, heeft Enny in haar eigen familie ondervonden. Haar ouders verloren twee kinderen. ‘De eerstgeborene is tijdens de bevalling gestikt. En mijn jongste broer was er een van een tweeling. Het tweede kindje overleed een paar dagen na de bevalling. Dat zijn vreselijk traumatische gebeurtenissen geweest waar niet over werd gesproken. Maar ik voelde dat als kind natuurlijk wel. Het lag als een zware deken over ons gezin heen. Als er zo’n groot verdriet is waar niet over wordt gepraat, dan krijgt het geen plek. Dan kun je volgens mij niet voluit leven. Ook niet als kind.’ Enny denkt dat hier haar belangstelling voor het onderwerp is ontstaan. Haar moeder leeft niet meer, maar haar vader nog wel. Toen er een groot stuk over Enny’s onderzoek verscheen in NRC, zei ze tegen haar vader: ‘Kijk, ik sta in de krant’. Haar vader ging op de bank zitten lezen. ‘Hij was heel stil, terwijl hij normaal gesproken snel iets zou zeggen. Hij las het van begin tot eind. Ik vond dat wel spannend. Ik zag dat het hem raakte. Toen hij klaar was, zei hij dat het mooi was.

FOTO'S: MARTIEN VERSTEEGH

Een vrouw die staat te wachten om haar bidprentje te laten tekenen, ziet er een mooie gespreksstarter in. ‘Ik merk dat er in het verpleeghuis waar ik bij betrokken ben nauwelijks wordt gepraat over de dood, terwijl mensen er toch in hun palliatieve fase zitten. Als er al over gesproken wordt, gaat het over het medische aspect van doodgaan, niet het menselijke aspect. Ik zou graag uitzoeken of zo’n bidprentjesstand daar iets aan kan veranderen.’  

Volgens Enny gaat het allemaal over de kracht van verbeelding. ‘Dat hebben we ook gezien bij een kunstinstallatie waarin mensen met een geleide meditatie werd gevraagd naar hun eigen dode lichaam te kijken. Uiteindelijk vallen je botten uit elkaar tot stof en ga je op in het grotere geheel. Dat vinden mensen een troostend beeld. Deze ervaring zorgde voor meer waardering voor het leven. Een effect dat ook na een week nog voelbaar was bij de mensen die het kunstproject hadden bezocht. Dat vind ik prachtige conclusies. Het heeft zin met het onderwerp bezig te zijn.’ •

‘Ik moest er wel even over nadenken voor ik ja zei. Niet vanwege het thema, maar omdat ik normaal gesproken pratende eenden en ruimtevaartwezentjes teken. Geen portretten.’ Toch zei hij ja, omdat hij het een prikkelend onderwerp vond. ‘Ik kreeg eigenlijk een vrijbrief om intieme vragen te stellen. Iemand geeft me iets heel moois in zo’n kort gesprek. Ik was totaal verrast hoe openhartig mensen zijn. Ik zou zelf nooit zo makkelijk praten tegen iemand die ik niet ken over zulke persoonlijke onderwerpen. Het meest raakte me het verhaal van de man die zei dat hij moeite had met het herinneren van de dierbare die hij verloren had. Bijna alle herinneringen die op de voorgrond lagen waren die aan het moeizame ziekteproces. Ik kon me dat voorstellen en vond het verdrietig. Mensen hebben zonder uitzondering een boeiend verhaal. Het is best vermoeiend om iemand in een portretje te vangen en tegelijkertijd open te staan en te luisteren naar de intense verhalen. Maar ik ben blij dat ik ja gezegd heb.’ 

BIDPRENTJES

Enny kijkt heel tevreden terug op het festival. ‘Het was in principe bedoeld als een eenmalig evenement, als onderdeel van het vierjarige onderzoeksprogramma dat dit voorjaar afloopt. We hebben het samen met Lux en het Science-festival georganiseerd. Er kwamen wel vragen of het volgend jaar weer zou zijn. Dat voelt als een compliment. Ik zou het gaaf vinden, maar het is een enorme organisatie.’ 

De bezoekers zijn niet alleen enthousiast over de films die te zien zijn, de animo voor de bidprentjes die Jelko Arts tekent is ook groot. Vier portretten per uur tekent hij. Twee dagen lang zit hij achter een balie, tekent portretjes van mensen en gaat persoonlijke gesprekken met hen aan. Op zoek naar de quote die het leven van die persoon eer aandoet. Een van de eerste ideeën voor dit festival was precies dit: mensen over hun eigen vergankelijkheid na laten denken met een bidprentje. Juist door het door een striptekenaar te laten doen, krijgt het de luchtigheid die prettig is bij dit onderwerp.

Het is moeilijk in woorden te vangen maar ik zag dat er iets prachtigs gebeurde.’ Voor Enny is het filmfestival een droom die uitkomt. Ze loopt er stralend rond. Zelf is ze ook wat films gaan kijken, die voor haar bevestigden wat uit de onderzoeken komt. ‘Ons op een positievere manier verhouden tot de dood door een film, lukt alleen als de dood in het verhaal betekenisvol is. Een open einde werkt bijvoorbeeld niet. Gruwelijke sterfscènes ook niet. Die versterken mogelijk de doodsangst die bij ons allemaal aanwezig is. Zo bekeek ik een film waarin allemaal sterfscènes uit verschillende films achter elkaar waren gemonteerd. Ik verwachtte daarvan te leren, bijvoorbeeld over hoe mensen verschillend sterven. Het waren echter vooral horrorscènes. Daar wen je, gek genoeg, na verloop van tijd ook aan. Maar een positief effect had het bepaald niet.’ Dat was wel het geval bij bijvoorbeeld After life. ‘In die film komen mensen erachter dat ze dood zijn. Ze krijgen te horen dat ze één herinnering mee mogen nemen naar het hiernamaals. Samen met een coach denken ze na over welke herinnering dat moet zijn. Die film heeft me echt aan het denken gezet.’


Een stel loopt met het programmaboekje rond. De vrouw, Georgia, vertelt dat ze een dagje uit zijn. ‘Ik wilde het filmhuis hier graag zien en werd nieuwsgierig naar het festival. Ik vind het prachtig: praten over de dood.’ Haar man heeft niets met het onderwerp. ‘Prima toch? Ik ga gewoon een biertje drinken.’ Georgia’s ogen glinsteren als ze vertelt dat ze in ieder geval een bidprentje wil laten maken. Ze belt ook met het hiernamaals. Of liever gezegd: het hiernamaals belt met haar. Als je aangeeft mee te willen doen, krijg je de vraag in een leunstoel te gaan zitten. Dan gaat er ineens een ouderwetse draaischijftelefoon over. Een van de onderzoekers uit het team van hoogleraar communicatie en beïnvloeding Enny Das van de Radboud Universiteit laat weten uit het hiernamaals te bellen en wat vragen te willen stellen over de dood. Zoals de vraag welke films waarin de dood voorkomt van betekenis voor je zijn geweest. 

Enny vertelt dat het de eerste interviewstudie is in het vierjarige onderzoekstraject Beyond the fear of death. Ze kijken in dat traject onder meer naar de invloed van film op onze beleving van de dood. ‘Als je een vragenlijst laat invullen en mensen bijvoorbeeld vraagt wat ze van een film vonden, kan het zijn dat iemand niet verder komt dan dat hij een film wel of niet mooi vond. In een interview kun je doorvragen. De resultaten moeten we nog analyseren.’ Wel kan Enny al zeggen dat film wel degelijk iemands kijk op de dood kan veranderen. Maar alleen als die persoon al actief met het onderwerp bezig is. ‘Bijvoorbeeld omdat iemand net een dierbaar persoon heeft verloren. We kunnen dat echter óók manipuleren. Als we vlak voor het tonen van een film mensen over de dood na laten denken, zien we het effect ook. Dat is misschien niet gek, want mensen denken liever niet na over hun eigen dood. Er is dus iets voor nodig om dat wél te bewerkstelligen.’ 

Het is vol in het theatercafé Lux in Nijmegen. Niet iedereen komt voor het Sterf! Filmfestival. Zo’n vijfhonderd mensen gaan op deze twee avonden in november een of meer van de elf films bekijken, luisteren naar het verhaal van onderzoekster en initiatiefneemster Enny Das, een bidprentje laten tekenen door striptekenaar Jelko Arts of praten met het hiernamaals. • Martien Versteegh

Festival als onderdeel van onderzoeks-programma

Film kan je kijk op de dood veranderen