De NVVE krijgt jaarlijks vele duizenden vragen voorgelegd. In deze rubriek wordt er telkens één uitgelicht. Deze keer: Hoe verhoudt euthanasie zich tot palliatieve sedatie? Is het ‘t één of het ander?
Wat is eigenlijk het verschil tussen euthanasie en palliatieve sedatie?
Euthanasie is het actief een einde maken aan het leven van een patiënt door een arts. Het kan alleen op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt zelf en kan volgens de wet op twee manieren. Eén: de arts dient via een infuusnaald een dodelijk middel toe (zo gaat het meestal). De tweede manier is dat de arts een drankje aanreikt dat de patiënt zelf opdrinkt. Formeel heet het eerste euthanasie en het tweede hulp bij zelfdoding. Palliatieve sedatie is het verlagen van het bewustzijn. Een arts kan dit in gang zetten als iemand klachten heeft die niet meer te behandelen zijn en veel pijn veroorzaken. Het mag alleen wanneer het overlijden binnen twee weken verwacht wordt. Palliatieve sedatie gaat in samenspraak tussen arts, patiënt en familie. De medicatie voor palliatieve sedatie wordt toegediend via een infuusnaald. Indien nodig kan de dosis worden opgehoogd volgens een protocol. Uiteindelijk sterft de patiënt door de onderliggende ziekte of ouderdom, niet door de medicatie zelf.
Waarom wordt soms palliatieve sedatie toegepast als iemand eigenlijk euthanasie wil?
Aan het einde van het leven kunnen klachten en pijn opeens heel heftig worden, waardoor de behoefte aan euthanasie acuut is. Toch blijkt euthanasie in zo’n situatie vaak niet mogelijk. Voor euthanasie gelden namelijk strikte regels. De patiënt moet zélf een verzoek indienen bij de arts. Als het verzoek aan de wettelijke eisen voldoet én de arts bereid is mee te werken, moet nog een onafhankelijke arts (de SCEN-arts) beoordelen of alles zorgvuldig verloopt. Daarnaast moet alles goed worden vastgelegd, moeten medicijnen besteld worden en moet een datum geprikt. Dit proces kan zomaar twee weken duren. Wanneer iemand veel pijn heeft, ontbreekt vaak die tijd. In zulke gevallen kan palliatieve sedatie worden ingezet om het lijden te verlichten. Voor naasten kan het lastig zijn om te zien dat het even duurt voor de juiste dosering is gevonden. Het lijkt soms of de patiënt nog pijn heeft. Meestal is dit niet zo.
Is euthanasie nog mogelijk als palliatieve sedatie al is gestart?
Dat kan soms nog wel. Als alles voor de euthanasie al geregeld is en ook de SCEN-arts heeft vastgesteld dat aan de voorwaarden wordt voldaan, maar het lijden voorafgaand aan de uitvoering toch te erg wordt, kan voor palliatieve sedatie worden gekozen ter verlichting van het lijden. Heeft de patiënt vóór de sedatie gezegd dat hij of zij euthanasie wil, dan mag de arts die tijdens de sedatie uitvoeren. De Regionale Toetsingscommissie Euthanasie vindt dat de patiënt dan niet meer wakker gemaakt hoeft te worden om het euthanasieverzoek nogmaals te bevestigen. •
VRAAG HET AAN DE NVVE
De NVVE krijgt jaarlijks vele duizenden vragen voorgelegd. In deze rubriek wordt er telkens één uitgelicht. Deze keer: Hoe verhoudt euthanasie zich tot palliatieve sedatie? Is het ‘t één of het ander?
Wat is eigenlijk het verschil tussen euthanasie en palliatieve sedatie?
Euthanasie is het actief een einde maken aan het leven van een patiënt door een arts. Het kan alleen op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt zelf en kan volgens de wet op twee manieren. Eén: de arts dient via een infuusnaald een dodelijk middel toe (zo gaat het meestal). De tweede manier is dat de arts een drankje aanreikt dat de patiënt zelf opdrinkt. Formeel heet het eerste euthanasie en het tweede hulp bij zelfdoding. Palliatieve sedatie is het verlagen van het bewustzijn. Een arts kan dit in gang zetten als iemand klachten heeft die niet meer te behandelen zijn en veel pijn veroorzaken. Het mag alleen wanneer het overlijden binnen twee weken verwacht wordt. Palliatieve sedatie gaat in samenspraak tussen arts, patiënt en familie. De medicatie voor palliatieve sedatie wordt toegediend via een infuusnaald. Indien nodig kan de dosis worden opgehoogd volgens een protocol. Uiteindelijk sterft de patiënt door de onderliggende ziekte of ouderdom, niet door de medicatie zelf.
Waarom wordt soms palliatieve sedatie toegepast als iemand eigenlijk euthanasie wil?
Aan het einde van het leven kunnen klachten en pijn opeens heel heftig worden, waardoor de behoefte aan euthanasie acuut is. Toch blijkt euthanasie in zo’n situatie vaak niet mogelijk. Voor euthanasie gelden namelijk strikte regels. De patiënt moet zélf een verzoek indienen bij de arts. Als het verzoek aan de wettelijke eisen voldoet én de arts bereid is mee te werken, moet nog een onafhankelijke arts (de SCEN-arts) beoordelen of alles zorgvuldig verloopt. Daarnaast moet alles goed worden vastgelegd, moeten medicijnen besteld worden en moet een datum geprikt. Dit proces kan zomaar twee weken duren. Wanneer iemand veel pijn heeft, ontbreekt vaak die tijd. In zulke gevallen kan palliatieve sedatie worden ingezet om het lijden te verlichten. Voor naasten kan het lastig zijn om te zien dat het even duurt voor de juiste dosering is gevonden. Het lijkt soms of de patiënt nog pijn heeft. Meestal is dit niet zo.
Is euthanasie nog mogelijk als palliatieve sedatie al is gestart?
Dat kan soms nog wel. Als alles voor de euthanasie al geregeld is en ook de SCEN-arts heeft vastgesteld dat aan de voorwaarden wordt voldaan, maar het lijden voorafgaand aan de uitvoering toch te erg wordt, kan voor palliatieve sedatie worden gekozen ter verlichting van het lijden. Heeft de patiënt vóór de sedatie gezegd dat hij of zij euthanasie wil, dan mag de arts die tijdens de sedatie uitvoeren. De Regionale Toetsingscommissie Euthanasie vindt dat de patiënt dan niet meer wakker gemaakt hoeft te worden om het euthanasieverzoek nogmaals te bevestigen. •
VRAAG HET AAN DE NVVE