Waar liggen de grenzen van euthanasie bij psychisch lijden? Dat vraagt Koos Neuvel zich af na het overlijden van zijn 17-jarige dochter Nora. Zij koos er - na lang strijden met een eetstoornis - voor om te stoppen met eten en drinken. Eerder werd door een jonge psychiater euthanasie als optie voorgeschoteld, waar Neuvel zijn bedenkingen bij had. Want wat gebeurt er als zoiets een mogelijkheid wordt? Kan de wil om te leven daardoor helemaal verdwijnen?
Intens beschrijft Neuvel de gevoelens die hij als vader had in dit proces. Het is moedig dat hij vervolgens probeert zo min mogelijk stelling te nemen in Eindelijk rust, maar vooral te onderzoeken wat nu precies ondraaglijk en uitzichtloos lijden is. Hij spreekt met mensen die vanwege psychisch lijden euthanasie aanvragen, met mensen bij wie de euthanasiewens uiteindelijk verdween en met voorstanders en critici uit de hulpverlening die wisselende visies hebben. Zo spreekt hij met Menno Oosterhoff, de psychiater die volgens sommige collega's euthanasie te veel promoot, maar ook met psychiater Jim van Os, die stelt: ‘Zodra je euthanasie als optie aanbiedt, is het klaar’. Dit bijzondere boek van Neuvel roept op als maatschappij het gesprek te blijven voeren over dit onderwerp. Niet alleen over wanneer iemand uitbehandeld is bij psychisch lijden, maar ook over wat behandeltrajecten doen met het perspectief van een patiënt. •
Eindelijk rust
Koos Neuvel,
Bot Uitgevers
Achteraf had Édouard - geboren als Eddy Bellegueule - de dood al van verre zien aankomen. Het verval van zijn broer werd vroeg ingezet. Hij beschrijft hem als een man met vele gezichten, die meteen komt opdraven als Édouard paniekerig in zijn nieuwe appartement staat en geen idee heeft hoe hij de muren moet verven. Om vervolgens in alle rust zijn broertje te helpen. Maar die ook zwaar verslaafd is aan alcohol, zich op jonge leeftijd vergrijpt aan een dorpsgenoot en zijn vriendinnen slaat. Zaken waarin hij weinig zelfreflectie toont, volgens zijn jongere broer, die ziet dat hij de wonden uit zijn jeugd liever verantwoordelijk maakt voor dat gedrag.
De ondergang is het derde deel van de serie persoonlijke romans die Édouard Louis schreef over zijn familie. Een indrukwekkend en pijnlijk slot, dat start met de dood van zijn oudere broer. Édouard vraagt zich daarna af: hoe rouw je om iemand, als liefde en afschuw zo dicht bij elkaar staan?
Pijnlijk is de scène waarin zijn zus hem vraagt de begrafenis te betalen. Édouard is immers geslaagd, heeft gestudeerd en woont in Parijs. Dat het geen vetpot is als schrijver, lijkt er bij haar niet in te gaan. En dat hij zijn geld liever geeft aan de levenden, zoals zijn moeder, ook niet.
De roman is een intens en mooi geschreven retrospectief van een aftakeling die al vroeg in het leven werd ingezet. Het roept op om na te denken over wat een leven waard is en hoeveel compassie we schuldig zijn aan wie ons heeft gekwetst. •
De ondergang
Édouard Louis
De Bezige Bij
Soms begint ze opeens te schelden of komen er totaal onbegrijpelijke zinnen uit. En daar zit John dan. De zoon die ooit zo’n goede band met zijn moeder had, maar steeds minder van haar begrijpt. Wat moet je met iemand die je zo goed dacht te kennen, maar die van binnen allang vertrokken lijkt?
Voor voetbalicoon John de Wolf wordt het steeds ongemakkelijker om zijn moeder te bezoeken. Zo pijnlijk, dat hij haar uiteindelijk niet meer bezoekt, vertelde hij in oktober in de talkshow Eva. Want als hij wel gaat, wordt hij soms verteerd door spijt. Had hij haar niet moeten helpen aan een waardig einde toen het nog niet zover was?
In Ma, ik ben het lees je over dat interne conflict en over de band die John met zijn moeder had. Sommige passages zijn prachtig en ontroerend, maar het verhaal vliegt helaas alle kanten op. Minstens zo vaak gaat het over de jeugd van John, zijn liefde voor voetbal en mooie vrouwen. Daarbij wisselt het perspectief regelmatig en komen allerlei mensen aan het woord: van zijn ex tot Willem van Hanegem en oud-scheidsrechter Mario van der Ende. Lang niet altijd wordt de link gelegd naar de moeder-zoonrelatie. Jammer, want juist van zijn worsteling wil je meer weten. Desondanks is het moedig dat De Wolf daar stukjes van deelt, hoe verdrietig soms ook. Wie tussen de voetbalpassages door leest, vindt een ontroerende ode aan de vrouw die zijn moeder was, voordat alzheimer haar veranderde. •
Ma, ik ben het, John de Wolf
Jeroen Siebelink
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff
In het bos maakt Merryn van takjes, steentjes en zuringblaadjes een paard op de grond. Even doet ze haar ogen dicht. Ze droomt dat ze ermee galoppeert over het strand. Als ze haar ogen opent, ruikt ze zout en zeewier; geuren die in het bos komen als het weer omslaat. Meteen weet ze: er is storm op komst.
Storm speelt een grote rol in Merryns leven. Haar vader is omgekomen tijdens een storm op zee en zijn lichaam is nooit gevonden. Sindsdien zijn Merryn, haar jongere zusje Tess en oudere zus Lona alleen met hun moeder. Het is Lona die moedert, kookt en zorgt. Na de dood van haar vader dacht Merryn dat het leven voor altijd grijs zou blijven, maar ze merkte dat er na een tijdje weer kleur kwam. Bij haar moeder niet, zij staart vooral voor zich uit. Niemand mag dat weten, besluiten de meisjes, uit angst dat ze bij haar weggehaald worden. Waar Tess zoveel mogelijk thuisblijft en Lona optrekt met stoere jongens, is Merryn vooral in het bos. Daar ontdekt ze op een dag dat haar takjespaard tot leven is gekomen. Ze begrijpt niet waarom, maar voelt: dit paard is er voor haar. Helemaal wanneer een volgende storm uitbreekt.
Stormpaard is een gevoelig geschreven jeugdboek over verlies en troost. Prachtig geïllustreerd met zwierige inkttekeningen die doen denken aan De jongen, de mol, de vos en het paard. Een bijzonder cadeau voor elk kind dat kampt met verdriet om een naaste.•
Stormpaard
Holly Surplice
Vertaald door Merel Leene
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff
Als autismeconsulent-logopedist helpt Anke van Wijk mensen met autisme die vastlopen. Een van haar cliënten was Cathelijn, een jonge vrouw die zo worstelde met het leven dat ze steeds dieper verlangde naar de dood. Op haar 45ste kreeg ze euthanasie, maar daar ging een lange weg aan vooraf. Van Wijk beschrijft die route via fragmenten uit Cathelijns dagboeken en gesprekken met familieleden en professionals. Ze legt uit hoe het voor haar was om te leven met autisme en wat het betekende dat Cathelijn die diagnose pas laat kreeg. Lang begreep ze zelf niet goed waarom ze zo anders was. Contact met anderen vond ze ingewikkeld. Ze luisterde precies, maar snapte niet altijd wat er van haar gevraagd werd. Als iemand vroeg of ze goed geslapen had, bedoelden ze dan de duur? Het aantal dromen? Of iets heel anders?
Uit de vele dagboekfragmenten blijkt hoe verstrikt Cathelijn vaak zat in haar denken. Zo schrijft ze: ‘Ik kan het allemaal wel. Ik moet laten zien dat ik het kan, maar hoe weet ik niet’. Door de pagina’s heen komt het beeld naar voren van een vrouw die steeds meer vast komt te zitten. Ik wil echt zo graag dood is zelden aangenaam en vaak pijnlijk om te lezen. Maar door Van Wijks uitleg wordt wel invoelbaar hoe de weg richting euthanasie verliep en hoe zwaar psychisch lijden kan zijn. Een belangrijk boek voor iedereen die werkt met of naast mensen staat die psychisch lijden en een
eu-thanasiewens hebben.•
Ik wil echt zo graag dood
Anke van Wijk
Uitgeverij De Graaff
Rianne van der Molen
Waar liggen de grenzen van euthanasie bij psychisch lijden? Dat vraagt Koos Neuvel zich af na het overlijden van zijn 17-jarige dochter Nora. Zij koos er - na lang strijden met een eetstoornis - voor om te stoppen met eten en drinken. Eerder werd door een jonge psychiater euthanasie als optie voorgeschoteld, waar Neuvel zijn bedenkingen bij had. Want wat gebeurt er als zoiets een mogelijkheid wordt? Kan de wil om te leven daardoor helemaal verdwijnen?
Intens beschrijft Neuvel de gevoelens die hij als vader had in dit proces. Het is moedig dat hij vervolgens probeert zo min mogelijk stelling te nemen in Eindelijk rust, maar vooral te onderzoeken wat nu precies ondraaglijk en uitzichtloos lijden is. Hij spreekt met mensen die vanwege psychisch lijden euthanasie aanvragen, met mensen bij wie de euthanasiewens uiteindelijk verdween en met voorstanders en critici uit de hulpverlening die wisselende visies hebben. Zo spreekt hij met Menno Oosterhoff, de psychiater die volgens sommige collega's euthanasie te veel promoot, maar ook met psychiater Jim van Os, die stelt: ‘Zodra je euthanasie als optie aanbiedt, is het klaar’. Dit bijzondere boek van Neuvel roept op als maatschappij het gesprek te blijven voeren over dit onderwerp. Niet alleen over wanneer iemand uitbehandeld is bij psychisch lijden, maar ook over wat behandeltrajecten doen met het perspectief van een patiënt. •
Eindelijk rust
Koos Neuvel,
Bot Uitgevers
Een oudere vrouw heeft hevige buikklachten en ligt al uren op de spoedeisende hulp als huisarts Danka Stuijver haar ziet liggen. Niemand kan of wil haar opnemen, vanwege de wachtlijsten in verpleeghuizen en het tekort aan thuiszorg. Die ontmoeting is voor Stuijver het begin van een zoektocht naar de dilemma’s in de gezondheidszorg.
Het eindresultaat is Dit kost ons de zorg, een vlijmscherp en gelaagd betoog over de grote problemen waar de gezondheidszorg mee kampt. We zitten gevangen in een systeem dat behoorlijk ziek is. Financiële prikkels leiden niet altijd tot de beste zorg, zoals het wonderlijke productieplafond bij bijvoorbeeld blindedarmoperaties. Zo kan het voorkomen dat een zorgverzekeraar een contract tekent dat hij tweehonderd-vijftig operaties vergoed. Worden er uiteindelijk driehonderd operaties uitgevoerd in het ziekenhuis, dan worden de laatste vijftig niet vergoed. Maar zijn het er minder dan tweehonderdvijftig, dan zal de zorgverzekeraar het jaar erop minder operaties vergoeden. Wat betekent dit voor de patiënt?
Stuijver haalt veel van dit soort voorbeelden aan. Tegelijk maakt ze duidelijk dat we allemaal deel uitmaken van dit falende systeem. Niet alleen de zorgverzekeraars, ziekenhuizen of farmaceutische industrie, ook de patiënten zelf hebben een verantwoordelijkheid. Als voorbeeld noemt ze een oudere patiënt die in het laatste jaar van zijn leven immunotherapie kreeg, wat een ton kostte. Door die behandeling werd hij 89 in plaats van 88 jaar. Was dat het waard?
Dit kost ons de zorg biedt veel openingen voor gesprek. Het zou mooi zijn als dit boek bijdraagt aan een breed debat over de toekomst van de zorg.•
De ondergang
Édouard Louis
De Bezige Bij
Soms begint ze opeens te schelden of komen er totaal onbegrijpelijke zinnen uit. En daar zit John dan. De zoon die ooit zo’n goede band met zijn moeder had, maar steeds minder van haar begrijpt. Wat moet je met iemand die je zo goed dacht te kennen, maar die van binnen allang vertrokken lijkt?
Voor voetbalicoon John de Wolf wordt het steeds ongemakkelijker om zijn moeder te bezoeken. Zo pijnlijk, dat hij haar uiteindelijk niet meer bezoekt, vertelde hij in oktober in de talkshow Eva. Want als hij wel gaat, wordt hij soms verteerd door spijt. Had hij haar niet moeten helpen aan een waardig einde toen het nog niet zover was?
In Ma, ik ben het lees je over dat interne conflict en over de band die John met zijn moeder had. Sommige passages zijn prachtig en ontroerend, maar het verhaal vliegt helaas alle kanten op. Minstens zo vaak gaat het over de jeugd van John, zijn liefde voor voetbal en mooie vrouwen. Daarbij wisselt het perspectief regelmatig en komen allerlei mensen aan het woord: van zijn ex tot Willem van Hanegem en oud-scheidsrechter Mario van der Ende. Lang niet altijd wordt de link gelegd naar de moeder-zoonrelatie. Jammer, want juist van zijn worsteling wil je meer weten. Desondanks is het moedig dat De Wolf daar stukjes van deelt, hoe verdrietig soms ook. Wie tussen de voetbal-passages door leest, vindt een ontroerende ode aan de vrouw die zijn moeder was, voordat alzheimer haar veranderde. •
Ma, ik ben het, John de Wolf
Jeroen Siebelink
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff
In het bos maakt Merryn van takjes, steentjes en zuringblaadjes een paard op de grond. Even doet ze haar ogen dicht. Ze droomt dat ze ermee galoppeert over het strand. Als ze haar ogen opent, ruikt ze zout en zeewier; geuren die in het bos komen als het weer omslaat. Meteen weet ze: er is storm op komst.
Storm speelt een grote rol in Merryns leven. Haar vader is omgekomen tijdens een storm op zee en zijn lichaam is nooit gevonden. Sindsdien zijn Merryn, haar jongere zusje Tess en oudere zus Lona alleen met hun moeder. Het is Lona die moedert, kookt en zorgt. Na de dood van haar vader dacht Merryn dat het leven voor altijd grijs zou blijven, maar ze merkte dat er na een tijdje weer kleur kwam. Bij haar moeder niet, zij staart vooral voor zich uit. Niemand mag dat weten, besluiten de meisjes, uit angst dat ze bij haar weggehaald worden. Waar Tess zoveel mogelijk thuisblijft en Lona optrekt met stoere jongens, is Merryn vooral in het bos. Daar ontdekt ze op een dag dat haar takjespaard tot leven is gekomen. Ze begrijpt niet waarom, maar voelt: dit paard is er voor haar. Helemaal wanneer een volgende storm uitbreekt.
Stormpaard is een gevoelig geschreven jeugdboek over verlies en troost. Prachtig geïllustreerd met zwierige inkttekeningen die doen denken aan De jongen, de mol, de vos en het paard. Een bijzonder cadeau voor elk kind dat kampt met verdriet om een naaste.•
Stormpaard
Holly Surplice
Vertaald door Merel Leene
Uitgeverij Luitingh-Sijthoff
Als autismeconsulent-logopedist helpt Anke van Wijk mensen met autisme die vastlopen. Een van haar cliënten was Cathelijn, een jonge vrouw die zo worstelde met het leven dat ze steeds dieper verlangde naar de dood. Op haar 45ste kreeg ze euthanasie, maar daar ging een lange weg aan vooraf. Van Wijk beschrijft die route via fragmenten uit Cathelijns dagboeken en gesprekken met familieleden en professionals. Ze legt uit hoe het voor haar was om te leven met autisme en wat het betekende dat Cathelijn die diagnose pas laat kreeg. Lang begreep ze zelf niet goed waarom ze zo anders was. Contact met anderen vond ze ingewikkeld. Ze luisterde precies, maar snapte niet altijd wat er van haar gevraagd werd. Als iemand vroeg of ze goed geslapen had, bedoelden ze dan de duur? Het aantal dromen? Of iets heel anders?
Uit de vele dagboekfragmenten blijkt hoe verstrikt Cathelijn vaak zat in haar denken. Zo schrijft ze: ‘Ik kan het allemaal wel. Ik moet laten zien dat ik het kan, maar hoe weet ik niet’. Door de pagina’s heen komt het beeld naar voren van een vrouw die steeds meer vast komt te zitten. Ik wil echt zo graag dood is zelden aangenaam en vaak pijnlijk om te lezen. Maar door Van Wijks uitleg wordt wel invoelbaar hoe de weg richting euthanasie verliep en hoe zwaar psychisch lijden kan zijn. Een belangrijk boek voor iedereen die werkt met of naast mensen staat die psychisch lijden en een euthanasiewens hebben.•
Ik wil echt zo graag dood
Anke van Wijk
Uitgeverij De Graaff
Rianne van der Molen