Marc Mulders:
‘Mijn ervaring is – en dat hoor ik ook van mijn collega’s – dat de patiënt om wie het gaat, voor ons de patiënt is. Niet iets anders’
Levensbeëindiging in detentie of tbs is zeldzaamheid
ILLUSTRATIE: RHONALD BLOMMESTIJN
Dat duidelijk moet zijn dat de opsluiting niet de reden is voor de euthanasiewens, blijkt ook uit de oordelen van de RTE waarvan bekend is dat ze over een patiënt gaan die in detentie of tbs-kliniek zat. Of dit altijd wordt vermeld is niet zeker, maar in een aantal gevallen wordt het expliciet genoemd. Bijvoorbeeld bij een patiënt die in 2024 euthanasie kreeg. Hij verbleef al twintig jaar in een tbs-kliniek toen hij het verzoek om euthanasie deed. Tussen zijn eerste verzoek en de uitvoering ervan zaten zeven maanden. In het oordeel van de RTE over deze casus is te lezen dat de man in kwestie het leven in de tbs-kliniek ondraaglijk vond, maar dat hij zich ook buiten de kliniek niet zou kunnen handhaven. Behandelingen hadden geen verbetering opgeleverd. Hij zou snel weer terugvallen in het misbruik van middelen, criminaliteit en seksueel misbruik. Daarmee werd gesteld dat zijn wens niet het gevolg was van zijn opsluiting. Er was dus aan de zorgvuldigheidseisen voor euthanasie voldaan.•
Bij ingewikkelde gevallen is het ook mogelijk een moreel beraad aan te vragen bij de commissie Ethiek in de Forensische Psychiatrie. De voorzitter van de commissie, Swanny Kremer: ‘Bij zo’n beraad toveren we geen konijn uit een hoge hoed. Er zijn bij dit soort gevallen geen makkelijke oplossingen. We kunnen inzichtelijk maken waar het ingewikkeld is. We zijn volledig onafhankelijk en belichten alle kanten van zo’n verzoek.’ Dat betekent ook gesprekken voeren met allerlei betrokkenen. ‘Wie dat zijn, is bij ieder verzoek totaal verschillend. Bij de ene persoon speelt haar of zijn moeder mogelijk een grote rol, terwijl dat bij een ander totaal niet het geval is. Per keer bekijken we wat er nodig is. Eventuele slachtoffers betrekken we alleen bij het verhaal als het direct betrokkenen zijn, als het bijvoorbeeld om een familielid gaat. Je moet je realiseren dat iemand die in een tbs-kliniek terechtkomt, zijn straf heeft uitgezeten. Ze komen in de kliniek voor behandeling.’ Swanny Kremer benadrukt dat de commissie voor allerlei zaken in te schakelen is en dat gebeurt ook vaker dan dat ze te maken krijgt met euthanasievraagstukken. ‘De meeste verzoeken zijn minder zwaar.’
OUDERE MENSEN
Het aantal oudere mensen in detentie neemt toe en daarmee ook het aantal mensen dat daar in de laatste fase van hun leven belandt. Als zij intensieve medische zorg nodig hebben, kunnen zij worden opgenomen in het Justitieel Centrum voor Somatische Zorg (JCvSZ). Palliatieve sedatie behoort in het JCvSZ tot de mogelijkheden en sinds twee jaar is het ook mogelijk er euthanasie te krijgen. Verzoeken zijn daar sindsdien drie keer gehonoreerd.
Het onderwerp ligt gevoelig, zo staat in het magazine van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), daarom kijkt justitie altijd mee. Waarom het gevoelig ligt, wordt niet uitgelegd. Heeft dat te maken met hoe slachtoffers van de delinquent erover zullen denken? Of het effect op de publieke opinie? Er is weinig over te vinden. De houding van het personeel van JCvSZ en ook van EE is duidelijk: zij maken geen onderscheid tussen mensen; iedereen zou een waardig levenseinde moeten kunnen hebben. Marc Mulders: ‘Mijn ervaring is – en dat hoor ik ook van mijn collega’s – dat de patiënt om wie het gaat, voor ons de patiënt is. Niet iets anders. Het contact verloopt dan ook eigenlijk altijd soepel. Natuurlijk komt er emotie bij kijken. Maar het is niet echt anders dan buiten de muren van justitie.’ Dat laatste geldt mogelijk niet voor alle partijen. Niet voor niets werd bij vrijwel alle casussen een arts van EE ingeroepen.
In de spaarzame gevallen waarin een gedetineerde of tbs’er euthanasie werd verleend vanwege een psychische aandoening, was die aandoening inderdaad al voor de gevangenschap of tbs aanwezig, zo blijkt uit de meldingen van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE). Maar eenduidige cijfers zijn niet eenvoudig te vinden: Justitie noemt vijf gevallen tussen 2019 en 2025. In een artikel in het AD van november 2025 staat dat er sprake was van negen euthanasiegevallen in die periode en dat het in alle gevallen ging om patiënten in tbs-klinieken. Bij twee personen betrof het uitzichtloos en ondraaglijk lichamelijk lijden vanwege een uitbehandelde ziekte, in de andere gevallen ging het over psychiatrische problematiek.
Je komt alleen in aanmerking voor euthanasie als er sprake is van ondraaglijk en uitzichtloos lijden met een medische grondslag. Je moet minstens één diagnose hebben, zij het lichamelijk of psychiatrisch. Het lijden waar het over gaat, moet voortkomen uit die medische diagnose en dus niet uit de opsluiting of tbs-maatregel. Daarom is het voor de uitvoerende artsen in dergelijke gevallen zaak om nóg meer de tijd te nemen voor het proces en te kijken hoe de wens zich ontwikkelt.
Marc Mulders werkt als arts en medisch manager bij Expertisecentrum Euthanasie (EE) en is daarnaast werkzaam als forensisch arts. In zijn rol als medisch manager was hij betrokken bij de beoordeling van euthanasieverzoeken van patiënten in detentie. ‘Je wilt de visie van de behandelaren horen, maar ook belangrijk is het contact met andere mensen om de patiënt heen. Speelde de problematiek bijvoorbeeld al toen iemand nog niet in detentie verbleef?’
Dat was duidelijk het geval bij Yolanda Vleugels. Ze had al van jongs af aan last van psychische problemen. Yolanda had al een keer een euthanasieverzoek gedaan, dat was afgewezen. Ze hoorde stemmen in haar hoofd die haar ertoe aanzetten brand te stichten. Toen ze aan de bel trok bij haar zorginstelling, schoot die niet te hulp. Uiteindelijk luisterde ze naar de stemmen in haar hoofd en stak zij haar eigen huis in brand. Ze overleefde de brand, maar kreeg tbs met dwangverpleging opgelegd. Toen werd er eindelijk naar haar geluisterd en werd euthanasie bespreekbaar. Ze kreeg zelfs toestemming van het ministerie van Justitie en Veiligheid om de kliniek ervoor te verlaten. Yolanda vertrok toen zij 42 was naar een hospice, waar zij op 20 juli 2022 in het bijzijn van haar moeder en jongere zus euthanasie kreeg. Maar wel nadat ze negen maanden in gevangenschap door moest brengen. ‘Als ze me hadden geholpen, was het niet zover gekomen,’ zei ze daar zelf over tegen dagblad Tubantia.
Kan iemand in de gevangenis of een tbs-kliniek ook om euthanasie vragen? Dat kan zeker. De wet maakt geen onderscheid tussen mensen. Iedereen heeft dezelfde rechten. Maar de opsluiting of tbs-maatregel mag niet de reden zijn voor het euthanasieverzoek. • Martien Versteegh
Ook gevangene kan om euthanasie vragen
Levensbeëindiging in detentie of tbs is zeldzaamheid
ILLUSTRATIE: RHONALD BLOMMESTIJN
Kan iemand in de gevangenis of een tbs-kliniek ook om euthanasie vragen? Dat kan zeker. De wet maakt geen onderscheid tussen mensen. Iedereen heeft dezelfde rechten. Maar de opsluiting of tbs-maatregel mag niet de reden zijn voor het euthanasieverzoek. • Martien Versteegh
Je komt alleen in aanmerking voor euthanasie als er sprake is van ondraaglijk en uitzichtloos lijden met een medische grondslag. Je moet minstens één diagnose hebben, zij het lichamelijk of psychiatrisch. Het lijden waar het over gaat, moet voortkomen uit die medische diagnose en dus niet uit de opsluiting of tbs-maatregel. Daarom is het voor de uitvoerende artsen in dergelijke gevallen zaak om nóg meer de tijd te nemen voor het proces en te kijken hoe de wens zich ontwikkelt.
Marc Mulders werkt als arts en medisch manager bij Expertisecentrum Euthanasie (EE) en is daarnaast werkzaam als forensisch arts. In zijn rol als medisch manager was hij betrokken bij de beoordeling van euthanasieverzoeken van patiënten in detentie. ‘Je wilt de visie van de behandelaren horen, maar ook belangrijk is het contact met andere mensen om de patiënt heen. Speelde de problematiek bijvoorbeeld al toen iemand nog niet in detentie verbleef?’
Dat was duidelijk het geval bij Yolanda Vleugels. Ze had al van jongs af aan last van psychische problemen. Yolanda had al een keer een euthanasieverzoek gedaan, dat was afgewezen. Ze hoorde stemmen in haar hoofd die haar ertoe aanzetten brand te stichten. Toen ze aan de bel trok bij haar zorginstelling, schoot die niet te hulp. Uiteindelijk luisterde ze naar de stemmen in haar hoofd en stak zij haar eigen huis in brand. Ze overleefde de brand, maar kreeg tbs met dwangverpleging opgelegd. Toen werd er eindelijk naar haar geluisterd en werd euthanasie bespreekbaar. Ze kreeg zelfs toestemming van het ministerie van Justitie en Veiligheid om de kliniek ervoor te verlaten. Yolanda vertrok toen zij 42 was naar een hospice, waar zij op 20 juli 2022 in het bijzijn van haar moeder en jongere zus euthanasie kreeg. Maar wel nadat ze negen maanden in gevangenschap door moest brengen. ‘Als ze me hadden geholpen, was het niet zover gekomen,’ zei ze daar zelf over tegen dagblad Tubantia.
In de spaarzame gevallen waarin een gedetineerde of tbs’er euthanasie werd verleend vanwege een psychische aandoening, was die aandoening inderdaad al voor de gevangenschap of tbs aanwezig, zo blijkt uit de meldingen van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie (RTE). Maar eenduidige cijfers zijn niet eenvoudig te vinden: Justitie noemt vijf gevallen tussen 2019 en 2025. In een artikel in het AD van november 2025 staat dat er sprake was van negen euthanasiegevallen in die periode en dat het in alle gevallen ging om patiënten in tbs-klinieken. Bij twee personen betrof het uitzichtloos en ondraaglijk lichamelijk lijden vanwege een uitbehandelde ziekte, in de andere gevallen ging het over psychiatrische problematiek.
OUDERE MENSEN
Het aantal oudere mensen in detentie neemt toe en daarmee ook het aantal mensen dat daar in de laatste fase van hun leven belandt. Als zij intensieve medische zorg nodig hebben, kunnen zij worden opgenomen in het Justitieel Centrum voor Somatische Zorg (JCvSZ). Palliatieve sedatie behoort in het JCvSZ tot de mogelijkheden en sinds twee jaar is het ook mogelijk er euthanasie te krijgen. Verzoeken zijn daar sindsdien drie keer gehonoreerd.
Het onderwerp ligt gevoelig, zo staat in het magazine van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), daarom kijkt justitie altijd mee. Waarom het gevoelig ligt, wordt niet uitgelegd. Heeft dat te maken met hoe slachtoffers van de delinquent erover zullen denken? Of het effect op de publieke opinie? Er is weinig over te vinden. De houding van het personeel van JCvSZ en ook van EE is duidelijk: zij maken geen onderscheid tussen mensen; iedereen zou een waardig levenseinde moeten kunnen hebben. Marc Mulders: ‘Mijn ervaring is – en dat hoor ik ook van mijn collega’s – dat de patiënt om wie het gaat, voor ons de patiënt is. Niet iets anders. Het contact verloopt dan ook eigenlijk altijd soepel. Natuurlijk komt er emotie bij kijken. Maar het is niet echt anders dan buiten de muren van justitie.’ Dat laatste geldt mogelijk niet voor alle partijen. Niet voor niets werd bij vrijwel alle casussen een arts van EE ingeroepen.
Bij ingewikkelde gevallen is het ook mogelijk een moreel beraad aan te vragen bij de commissie Ethiek in de Forensische Psychiatrie. De voorzitter van de commissie, Swanny Kremer: ‘Bij zo’n beraad toveren we geen konijn uit een hoge hoed. Er zijn bij dit soort gevallen geen makkelijke oplossingen. We kunnen inzichtelijk maken waar het ingewikkeld is. We zijn volledig onafhankelijk en belichten alle kanten van zo’n verzoek.’ Dat betekent ook gesprekken voeren met allerlei betrokkenen. ‘Wie dat zijn, is bij ieder verzoek totaal verschillend. Bij de ene persoon speelt haar of zijn moeder mogelijk een grote rol, terwijl dat bij een ander totaal niet het geval is. Per keer bekijken we wat er nodig is. Eventuele slachtoffers betrekken we alleen bij het verhaal als het direct betrokkenen zijn, als het bijvoorbeeld om een familielid gaat. Je moet je realiseren dat iemand die in een tbs-kliniek terechtkomt, zijn straf heeft uitgezeten. Ze komen in de kliniek voor behandeling.’ Swanny Kremer benadrukt dat de commissie voor allerlei zaken in te schakelen is en dat gebeurt ook vaker dan dat ze te maken krijgt met euthanasievraagstukken. ‘De meeste verzoeken zijn minder zwaar.’
Dat duidelijk moet zijn dat de opsluiting niet de reden is voor de euthanasiewens, blijkt ook uit de oordelen van de RTE waarvan bekend is dat ze over een patiënt gaan die in detentie of tbs-kliniek zat. Of dit altijd wordt vermeld is niet zeker, maar in een aantal gevallen wordt het expliciet genoemd. Bijvoorbeeld bij een patiënt die in 2024 euthanasie kreeg. Hij verbleef al twintig jaar in een tbs-kliniek toen hij het verzoek om euthanasie deed. Tussen zijn eerste verzoek en de uitvoering ervan zaten zeven maanden. In het oordeel van de RTE over deze casus is te lezen dat de man in kwestie het leven in de tbs-kliniek ondraaglijk vond, maar dat hij zich ook buiten de kliniek niet zou kunnen handhaven. Behandelingen hadden geen verbetering opgeleverd. Hij zou snel weer terugvallen in het misbruik van middelen, criminaliteit en seksueel misbruik. Daarmee werd gesteld dat zijn wens niet het gevolg was van zijn opsluiting. Er was dus aan de zorgvuldigheidseisen voor euthanasie voldaan. •
Ook gevangene kan om euthanasie vragen