Fransien van ter Beek bestuurder NVVE

EIGEN REGIE MAG GEEN TWEEDE KEUS ZIJN

Overlijden door bewust stoppen met eten en drinken of door het innemen van verzamelde (slaap)middelen, gebeurt dat vaker dan twintig jaar geleden? Dat is onderzocht in de replicatiestudie Levensbeëindiging in eigen regie. Twintig jaar geleden deed psychiater Boudewijn Chabot hier onderzoek naar voor de periode 1999-2003. Onderzoekers van het Erasmus MC herhaalden dit voor de jaren 2019-2023. De NVVE, Fonds Laat Mij Gaan en Stichting De Einder zorgden voor financiering (zie ook nieuws).  

Uit het nieuwe onderzoek blijkt dat levensbeëindiging met zelf verzamelde (slaap)middelen vrijwel gelijk is gebleven (ongeveer tweeduizend overlijdens per jaar, 1,2 procent van alle sterfgevallen. Dat was twintig jaar geleden 1,1 procent). Stoppen met eten en drinken komt nu veel vaker voor (zo’n 5.800 overlijdens per jaar, 3,5 procent van het totaal, toen 2,1 procent). Ongeveer de helft van de mensen die besloten op een van deze twee manieren het leven te beëindigen deed dit uit overtuiging, bijvoorbeeld omdat ze niet iemand anders willen belasten met hun stervenswens. Dan blijft er nog een helft over. Twee van de drie mensen in deze groep kozen voor een van beide methoden nadat een euthanasieverzoek was afgewezen.  

Wat zegt dit nu over het zelfgekozen levenseinde anno nu? Verschillende ontwikkelingen geven voer voor speculatie. In de eerste plaats werd in 2002 - het einde van de vorige onderzoeksperiode - de euthanasiewet van kracht. Een tweede belangrijke ontwikkeling was de richtlijn die artsenorganisatie KNMG in 2014 uitbracht over stoppen met eten en drinken. Die beschrijft hoe artsen hun patiënten die hiervoor kiezen, goed kunnen begeleiden. En dan was daar ook het Middel X dat in 2017 beschikbaar kwam en voor veel publiciteit (en rechtszaken) zorgde. Enerzijds zou je kunnen denken dat stoppen met eten en drinken minder nodig is doordat euthanasie legaal en steeds meer geaccepteerd is. Anderzijds is stoppen met eten en drinken meer bekend geraakt als methode voor een zelfgekozen levenseinde. De NVVE droeg hieraan bij met haar brochure.

Hoe dan ook: ik concludeer twee dingen. Eén: er is een aanzienlijke groep mensen die uit overtuiging voor levensbeëindiging in eigen regie kiezen, zonder afhankelijk te zijn van anderen. Deze mensen verdienen alle respect. Een interessante vraag is of deze mensen liever de beschikking zouden hebben gehad over een door de overheid gereguleerd, veilig stervensmiddel voor iedereen die daar goed over heeft nagedacht, het ultieme doel van de NVVE. Mijn tweede conclusie: het is bijzonder triest dat veel mensen die overlijden door stoppen met eten en drinken of zelf verzamelde middelen liever euthanasie hadden gekregen. Wij spreken geregeld mensen die hier noodgedwongen voor kiezen, terwijl zij wel voldoen aan de zorgvuldigheidseisen voor euthanasie. Soms wil een arts niet meewerken en verwijst deze niet door, of is het traject erg moeizaam en lang. Deze mensen moeten eerder en beter gehoord worden. Het mag toch niet zo zijn dat mensen voor een van de twee methoden kiezen als second best. Er is dus nog volop werk aan de winkel.  •

Overlijden door bewust stoppen met eten en drinken of door het innemen van verzamelde (slaap)middelen, gebeurt dat vaker dan twintig jaar geleden? Dat is onderzocht in de replicatiestudie Levensbeëindiging in eigen regie. Twintig jaar geleden deed psychiater Boudewijn Chabot hier onderzoek naar voor de periode 1999-2003. Onderzoekers van het Erasmus MC herhaalden dit voor de jaren 2019-2023. De NVVE, Fonds Laat Mij Gaan en Stichting De Einder zorgden voor financiering (zie ook nieuws).  

Uit het nieuwe onderzoek blijkt dat levensbeëindiging met zelf verzamelde (slaap)middelen vrijwel gelijk is gebleven (ongeveer tweeduizend overlijdens per jaar, 1,2 procent van alle sterfgevallen. Dat was twintig jaar geleden 1,1 procent). Stoppen met eten en drinken komt nu veel vaker voor (zo’n 5.800 overlijdens per jaar, 3,5 procent van het totaal, toen 2,1 procent). Ongeveer de helft van de mensen die besloten op een van deze twee manieren het leven te beëindigen deed dit uit overtuiging, bijvoorbeeld omdat ze niet iemand anders willen belasten met hun stervenswens. Dan blijft er nog een helft over. Twee van de drie mensen in deze groep kozen voor een van beide methoden nadat een euthanasieverzoek was afgewezen.  

Wat zegt dit nu over het zelfgekozen levenseinde anno nu? Verschillende ontwikkelingen geven voer voor speculatie. In de eerste plaats werd in 2002 - het einde van de vorige onderzoeksperiode - de euthanasiewet van kracht. Een tweede belangrijke ontwikkeling was de richtlijn die artsenorganisatie KNMG in 2014 uitbracht over stoppen met eten en drinken. Die beschrijft hoe artsen hun patiënten die hiervoor kiezen, goed kunnen begeleiden. En dan was daar ook het Middel X dat in 2017 beschikbaar kwam en voor veel publiciteit (en rechtszaken) zorgde. Enerzijds zou je kunnen denken dat stoppen met eten en drinken minder nodig is doordat euthanasie legaal en steeds meer geaccepteerd is. Anderzijds is stoppen met eten en drinken meer bekend geraakt als methode voor een zelfgekozen levenseinde. De NVVE droeg hieraan bij met haar brochure.

Hoe dan ook: ik concludeer twee dingen. Eén: er is een aanzienlijke groep mensen die uit overtuiging voor levensbeëindiging in eigen regie kiezen, zonder afhankelijk te zijn van anderen. Deze mensen verdienen alle respect. Een interessante vraag is of deze mensen liever de beschikking zouden hebben gehad over een door de overheid gereguleerd, veilig stervensmiddel voor iedereen die daar goed over heeft nagedacht, het ultieme doel van de NVVE. Mijn tweede conclusie: het is bijzonder triest dat veel mensen die overlijden door stoppen met eten en drinken of zelf verzamelde middelen liever euthanasie hadden gekregen. Wij spreken geregeld mensen die hier noodgedwongen voor kiezen, terwijl zij wel voldoen aan de zorgvuldigheidseisen voor euthanasie. Soms wil een arts niet meewerken en verwijst deze niet door, of is het traject erg moeizaam en lang. Deze mensen moeten eerder en beter gehoord worden. Het mag toch niet zo zijn dat mensen voor een van de twee methoden kiezen als second best. Er is dus nog volop werk aan de winkel.  •

Fransien van ter Beek
bestuurder NVVE

EIGEN REGIE MAG GEEN TWEEDE KEUS ZIJN