TABOE OP EUTHANASIE VERDWIJNT UIT ZORGCENTRUM

Euthanasie in verpleeg- en verzorgingshuizen

Nederland telt bijna 2400 verpleeg- en verzorgingshuizen. Brancheorganisatie Actiz is niet bekend met euthanasiebeleid of expertteams in deze tak van zorg. De Vereniging van specialisten ouderengeneeskunde verwijst naar de richtlijnen van de KNMG. Uit cijfers van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie blijkt dat euthanasie steeds vaker voorkomt in verpleeg- en verzorgingshuizen:

2015

5.516 meldingen van euthanasie
463 in verpleeg- en verzorgingshuizen

216 door specialisten ouderengeneeskunde

De overige 247 zijn verricht door de eigen huisarts, een basisarts of de Levenseindekliniek, tegenwoordig Expertisecentrum Euthanasie

2025

10.341 meldingen van euthanasie

1036 in verpleeg- of verzorgingshuizen
475 door specialisten ouderengeneeskunde

De overige 561 zijn verricht door de eigen huisarts, een basisarts of Expertisecentrum Euthanasie

(Bron: RTE)

Er ontstaat een gesprek over collega’s die tegen euthanasie zijn, of die niet begrijpen waarom een bewoner dood wil. ‘Een oudere dame die er heel netjes en mooi uitzag, wilde euthanasie nadat zij haar heup had gebroken’, vertelt verzorgende Manuela. ‘Sommige collega’s snapten dat niet.’ Casemanager Urmila zegt dat die vrouw wellicht naar het moment van de euthanasie toeleefde en ‘er daarom nog zo goed uitzag’. Van Noort- Verheul laat iedereen aan bod komen, zodat er ruimte ontstaat voor verschillende perspectieven. ‘Ik gun iedere bewoner het gesprek over wat hij of zij wil aan het einde van het leven’, vervolgt ze. ‘En als je dat gesprek niet aan durft te gaan, dan hoop ik dat je de bewoner naar een andere collega verwijst. Dat hoor je te doen.’

In de groep komen steeds meer persoonlijke ervaringen los. Mensen vragen elkaar hoe zij met bepaalde situaties zijn omgegaan. Na een kleine twee uur is de scholing voorbij. Richting de uitgang tref ik bij de lift bewoonster Clementine Brakkee. Eerder die middag liet ze weten heel blij te zijn dat er scholing is voor de ruim 2300 zorg- en welzijnsmedewerkers van WHZ. ‘In de zorg zie je steeds meer mensen met een islamitische of niet-Nederlandse achtergrond werken. Euthanasie is voor hen lang niet zo gewoon als voor ons. Het is heel belangrijk dat ook die mensen leren wat wel en wat niet kan.’ •

De gezondheidszorgpsycholoog neemt in een kleine twee uur de euthanasiewetgeving door. Ze vertelt wat de zorgvuldigheidseisen zijn om in aanmerking te komen voor euthanasie en heeft het over dementie, psychisch lijden en voltooid leven. Ook gaat het over de rol van de SCEN-arts; de onafhankelijke arts die checkt of aan alle zorgvuldigheidseisen is voldaan. ‘Ik had laatst afscheid genomen van een vrijwilliger omdat hij euthanasie zou krijgen. Alles was geregeld en toen keurde de SCEN-arts alles af. Die man was helemaal van slag’, vertelt verzorgende Daniela. ‘Dat gebeurt zelden’, reageert Van Noort-Verheul. ‘Euthanasie is ook voor een arts een grote gebeurtenis, dus over het algemeen opereert iedereen heel zorgvuldig.’

SCHOLING

In een klaslokaal op een andere verdieping in Sammersbrug druppelen steeds meer medewerkers binnen. De een is verpleegkundige, de ander verzorgende, casemanager dementie, geestelijk verzorger of huiskamerhulp in een van de dertien zorgcentra van WZH. Gezondheidszorgpsycholoog Maaike van Noort-Verheul geeft vanmiddag een scholing over de euthanasiewetgeving. Zorgmedewerker Aldona is nieuwsgierig naar de training. Zij heeft inmiddels een paar keer meegemaakt dat een bewoner euthanasie kreeg. ‘Ik vond dat confronterend, want in Polen, waar ik vandaan kom, kan zoiets helemaal niet.’

Maaike van Noort-Verheul trapt af met een paar stellingen. Ze vraagt de aanwezigen of ze het goed vinden dat er een euthanasiewet in Nederland is. En wat de belangrijkste redenen voor mensen zijn om voor euthanasie te kiezen. Haar gehoor komt met het ene na het andere verhaal. Iedereen heeft weleens te maken gehad met euthanasie, soms in de werkkring en vaak in hun privéleven. ‘Ik zie best vaak bij echtparen dat als een partner wegvalt, de ander stopt met eten en drinken. Dat vind ik best pittig’, vertelt zorgmedewerker Esther. 

Casemanager Urmila zegt dat een van haar cliënten van de huisarts het advies had gekregen om te stoppen met eten en drinken. ‘Gelukkig is er nu een euthanasieverzoek ingediend bij EE en hoop ik dat er een waardig einde komt voor deze mevrouw.’  Urmila hoopt in de scholing meer te horen over wat er wel en niet kan als er dementie in het spel is. ‘Ik heb ook al een digitale lezing van de NVVE gevolgd. Ik wil meer weten zodat ik mijn cliënt beter kan helpen.’

In verpleeg- en verzorgingshuizen was euthanasie lang taboe. Daar komt langzaam maar zeker verandering in. Opvallend voorbeeld: woonzorgcentra Haaglanden (WZH) heeft inmiddels zelfs een Expertteam Euthanasie. ‘We kregen steeds vaker euthanasie-verzoeken en dat leverde ethische vraagstukken op waar we iets mee moesten’, vertelt gezondheids-zorgpsycholoog Maaike van Noort-Verheul. • Marloes Elings

FOTO’s: MONA VAN DEN BERG

OP DE AGENDA

Op mijn vraag waarom eigen specialisten tegenwoordig vaker euthanasie verlenen, vertelt specialist ouderengeneeskunde Sander van den Haselkamp dat hij euthanasie een paar jaar geleden op de agenda bij de medische dienst heeft gezet. ‘We hebben toen besproken wat onze visie is en zijn tot het oordeel gekomen dat we euthanasieverzoeken van bewoners die een Wet Langdurige Zorg Indicatie hebben, zoveel mogelijk zelf gaan behandelen. Alleen complexe en heel ingewikkelde verzoeken verwijzen we tegenwoordig door naar EE.’

Dat betekent overigens niet dat alle specialisten ouderengeneeskunde van WZH euthanasieverzoeken inwilligen. ‘Ik word als lid van het expertteam tegenwoordig snel geïnformeerd en betrokken als er een euthanasieverzoek speelt’, vertelt Van den Haselkamp. ‘Ik ondersteun en begeleid vervolgens die collega’s. Als iemand morele bezwaren heeft om een euthanasie uit te voeren, bemiddel ik in het zoeken naar een andere specialist ouderengeneeskunde binnen onze organisatie. Vroeger werd dat nooit of zelden gedaan.’

Dat sindsdien het aantal uitvoeringen van euthanasie binnen de zorgorganisatie is gestegen, komt overeen met de landelijke cijfers. Dezelfde verdubbeling in cijfers zie je namelijk ook in de totale aantallen in de afgelopen tien jaar. Uit cijfers van de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE) blijkt dat in 2015 zo’n 5.516 keer euthanasie werden gemeld. Tien jaar later ging dat om 10.341 meldingen.

‘Soms kwam ook wel de voormalige huisarts van een bewoner langs om euthanasie te verlenen. Het zorgteam van de desbetreffende afdeling wist met regelmaat helemaal van niets. Medewerkers hadden geen idee dat ze bijvoorbeeld voor de laatste keer die ochtend een bewoner hadden gewassen en aangekleed. Dat had een enorme impact. Medewerkers voelden zich niet gezien. Hadden bijvoorbeeld al heel lang voor die mevrouw of meneer gezorgd en hadden juist graag ook dat laatste stukje meegeleefd. Soms waren er ook morele bezwaren. Vroegen mensen zich af of een euthanasieverzoek wel gegrond was.’

‘Door schade en schande ontdekten we dat we iets moesten gaan regelen’, vertelt Van Noort-Verheul. Zo kwam er een checklist en krijgt een team waar een euthanasie gaat plaatsvinden sindsdien ondersteuning van een psycholoog of een geestelijk verzorger. ‘We houden er in de roosters rekening mee dat een euthanasie niet altijd in de dienst van dezelfde medewerker valt. En de teamleider roostert altijd een extra kracht in op de dag dat de euthanasie wordt verleend. Want je wil niet dat als je met de familie spreekt, je pieper afgaat omdat er iemand naar het toilet moet. Een of twee weken na de euthanasie organiseren we een timeout-bijeenkomst waarin we terugblikken.’

Van Noort-Verheul heeft een lijstje gemaakt waarop vanaf 2016 is bijgehouden hoe vaak euthanasie is verleend bij WZH en door wie. Tot en met 2020 ging het gemiddeld om vijf uitvoeringen per jaar.  Veelal was Expertisecentrum Euthanasie daarbij betrokken. En soms de voormalige huisarts van een bewoner. Sinds 2021 stijgt het aantal uitvoeringen, gemiddeld gaat het nu om bijna tien per jaar, en wordt euthanasie ook steeds vaker (zestien keer in de afgelopen vijf jaar) door een van de 22 specialisten ouderengeneeskunde gedaan. In de dertien centra van WZH wonen in totaal 1370 mensen.

Eerder die ochtend bespreken de vijf leden van het Expertteam Euthanasie op een andere locatie van WZH, het Anker in Voorburg, de leidraad euthanasie van de zorgorganisatie. Die handleiding komt uit 2015 en is dringend aan herziening toe. Aan tafel zitten geestelijk verzorger Simone Boer, specialist ouderengeneeskunde Sander van den Haselkamp, locatie­manager Jan Willem van den Dool en gezondheidszorgpsycholoog Van Noort-Verheul. Ouderenverpleegkundige Manon Schook vergadert online mee. De vijf nemen minutieus alle teksten door. De woorden patiënt en cliënt zijn anno 2026 niet meer in zwang; zij heten tegenwoordig bewoners. Simone Boer vraagt of beter moet worden uitgelegd wat het verschil is tussen euthanasie en hulp bij zelfdoding. Maaike van Noort wil weten of overlijden door stoppen met eten en drinken ook moet worden genoemd. ‘Nee’, zegt Sander van den Haselkamp resoluut. ‘Dat heeft niets met euthanasie te maken.’

Het expertteam bestaat sinds 2013 en lijkt een unicum in de wereld van de ouderenzorg. Zowel bij brancheorganisatie Actiz als bij de Vereniging van specialisten ouderengeneeskunde (Verenso) hebben ze nog nooit van zo’n team gehoord. Het expertteam van WZH is niet alleen verantwoordelijk voor de euthanasieleidraad, maar vooral voor consultatie, registratie en scholing. Simpel gezegd: de vijf leden zijn vraagbaak voor medici, andere behandelaren en (zorg-)medewerkers. Ze houden bij hoe vaak er euthanasie wordt verleend en door wie. En zij scholen werknemers niet alleen over de euthanasiewetgeving, maar ook over communicatie met bewoners en naasten en geven les over praktische richtlijnen.

Gezondheidszorgpsycholoog Maaike van Noort-Verheul is een van de oudgedienden van het team. ‘Dik tien jaar geleden kregen we steeds vaker bewoners die een euthanasieverzoek hadden. Dat leverde veel vragen op. Is euthanasie een soort van palliatieve zorg? Hoe zit het eigenlijk precies en kunnen onze eigen specialisten ouderengeneeskunde aan zo’n verzoek voldoen? Of moet je dat aan andere artsen vragen?’ Van Noort-Verheul vertelt dat in die tijd meestal de toenmalige Levenseindekliniek (nu Expertisecentrum Euthanasie) werd ingeschakeld als er een euthanasieverzoek kwam. ‘Dat was toen een doodnormale procedure.’

In de Haagse woonkamer van een somatische afdeling van Sammersbrug, een van de dertien woonzorgcentra van WZH, zitten aan twee verschillende tafels vijf dames. Clementine Brakkee is met haar 63 jaar veruit de jongste. ‘Mijn huisarts wist altijd precies wat ik wilde als ik door de spierziekte MS steeds verder achteruit zou gaan. Hier weten ze ook wat ik wil. Maar naarmate ik ouder word, vind ik het onderwerp euthanasie enger worden. Te dichtbij komen. Ik heb daarom nog niets op papier gezet.’

Brakkee vertelt dat de dood en euthanasie geen populaire onderwerpen zijn in haar woongroep. ‘Zodra het op televisie daarover gaat, wordt er meteen weggezapt.’ Haar 78-jarige buurvrouw Anneke van Hartskamp zit in een elektrische rolstoel die zij met haar kin bedient. Ze is druk in de weer met haar mobiele telefoon en vraagt een vriendin die net binnenkomt of zij even de bloemen in het water wil zetten. ‘Ik heb helemaal niets geregeld. Wil zelfs gewoon worden gereanimeerd als er iets gebeurt’, vertelt Van Hartskamp met een grote grijns. ‘Ik ben een positief mens en hang nog veel te veel aan het leven.’

TABOE OP EUTHANASIE VERDWIJNT UIT ZORGCENTRUM

Euthanasie in verpleeg- en verzorgingshuizen

Nederland telt bijna 2400 verpleeg- en verzorgingshuizen. Brancheorganisatie Actiz is niet bekend met euthanasiebeleid of expertteams in deze tak van zorg. De Vereniging van specialisten ouderengeneeskunde verwijst naar de richtlijnen van de KNMG. Uit cijfers van de Regionale Toetsingscommissies Euthanasie blijkt dat euthanasie steeds vaker voorkomt in verpleeg- en verzorgingshuizen:

2015

5.516 meldingen van euthanasie
463 in verpleeg- en verzorgingshuizen

216 door specialisten ouderen-geneeskunde

De overige 247 zijn verricht door de eigen huisarts, een basisarts of de Levens-eindekliniek, tegenwoordig Expertisecentrum Euthanasie

2025

10.341 meldingen van euthanasie

1036 in verpleeg- of verzorgingshuizen
475 door specialisten ouderen-geneeskunde

De overige 561 zijn verricht door de eigen huisarts, een basisarts of Expertise-centrum Euthanasie

(Bron: RTE)

In verpleeg- en verzorgingshuizen was euthanasie lang taboe. Daar komt langzaam maar zeker verandering in. Opvallend voorbeeld: woonzorgcentra Haaglanden (WZH) heeft inmiddels zelfs een Expertteam Euthanasie. ‘We kregen steeds vaker euthanasieverzoeken en dat leverde ethische vraagstukken op waar we iets mee moesten’, vertelt gezondheids-zorgpsycholoog Maaike van Noort-Verheul. • Marloes Elings

In de Haagse woonkamer van een somatische afdeling van Sammersbrug, een van de dertien woonzorgcentra van WZH, zitten aan twee verschillende tafels vijf dames. Clementine Brakkee is met haar 63 jaar veruit de jongste. ‘Mijn huisarts wist altijd precies wat ik wilde als ik door de spierziekte MS steeds verder achteruit zou gaan. Hier weten ze ook wat ik wil. Maar naarmate ik ouder word, vind ik het onderwerp euthanasie enger worden. Te dichtbij komen. Ik heb daarom nog niets op papier gezet.’

Brakkee vertelt dat de dood en euthanasie geen populaire onderwerpen zijn in haar woongroep. ‘Zodra het op televisie daarover gaat, wordt er meteen weggezapt.’ Haar 78-jarige buurvrouw Anneke van Hartskamp zit in een elektrische rolstoel die zij met haar kin bedient. Ze is druk in de weer met haar mobiele telefoon en vraagt een vriendin die net binnenkomt of zij even de bloemen in het water wil zetten. ‘Ik heb helemaal niets geregeld. Wil zelfs gewoon worden gereanimeerd als er iets gebeurt’, vertelt Van Hartskamp met een grote grijns. ‘Ik ben een positief mens en hang nog veel te veel aan het leven.’

Eerder die ochtend bespreken de vijf leden van het Expertteam Euthanasie op een andere locatie van WZH, het Anker in Voorburg, de leidraad euthanasie van de zorgorganisatie. Die handleiding komt uit 2015 en is dringend aan herziening toe. Aan tafel zitten geestelijk verzorger Simone Boer, specialist ouderengeneeskunde Sander van den Haselkamp, locatie­manager Jan Willem van den Dool en gezondheidszorg-psycholoog Van Noort-Verheul. Ouderenverpleegkundige Manon Schook vergadert online mee. De vijf nemen minutieus alle teksten door. De woorden patiënt en cliënt zijn anno 2026 niet meer in zwang; zij heten tegenwoordig bewoners. Simone Boer vraagt of beter moet worden uitgelegd wat het verschil is tussen euthanasie en hulp bij zelfdoding. Maaike van Noort wil weten of overlijden door stoppen met eten en drinken ook moet worden genoemd. ‘Nee’, zegt Sander van den Haselkamp resoluut. ‘Dat heeft niets met euthanasie te maken.’

Het expertteam bestaat sinds 2013 en lijkt een unicum in de wereld van de ouderenzorg. Zowel bij branche-organisatie Actiz als bij de Vereniging van specialisten ouderengeneeskunde (Verenso) hebben ze nog nooit van zo’n team gehoord. Het expertteam van WZH is niet alleen verantwoordelijk voor de euthanasieleidraad, maar vooral voor consultatie, registratie en scholing. Simpel gezegd: de vijf leden zijn vraagbaak voor medici, andere behandelaren en (zorg-)medewerkers. Ze houden bij hoe vaak er euthanasie wordt verleend en door wie. En zij scholen werknemers niet alleen over de euthanasiewetgeving, maar ook over communicatie met bewoners en naasten en geven les over praktische richtlijnen.

Gezondheidszorgpsycholoog Maaike van Noort-Verheul is een van de oudgedienden van het team. ‘Dik tien jaar geleden kregen we steeds vaker bewoners die een euthanasieverzoek hadden. Dat leverde veel vragen op. Is euthanasie een soort van palliatieve zorg? Hoe zit het eigenlijk precies en kunnen onze eigen specialisten ouderengenees-kunde aan zo’n verzoek voldoen? Of moet je dat aan andere artsen vragen?’ Van Noort-Verheul vertelt dat in die tijd meestal de toenmalige Levenseinde-kliniek (nu Expertisecentrum Euthanasie) werd ingeschakeld als er een euthanasieverzoek kwam. ‘Dat was toen een doodnormale procedure.’

‘Soms kwam ook wel de voormalige huisarts van een bewoner langs om euthanasie te verlenen. Het zorgteam van de desbetreffende afdeling wist met regelmaat helemaal van niets. Medewerkers hadden geen idee dat ze bijvoorbeeld voor de laatste keer die ochtend een bewoner hadden gewassen en aangekleed. Dat had een enorme impact. Medewerkers voelden zich niet gezien. Hadden bijvoorbeeld al heel lang voor die mevrouw of meneer gezorgd en hadden juist graag ook dat laatste stukje meegeleefd. Soms waren er ook morele bezwaren. Vroegen mensen zich af of een euthanasieverzoek wel gegrond was.’

‘Door schade en schande ontdekten we dat we iets moesten gaan regelen’, vertelt Van Noort-Verheul. Zo kwam er een checklist en krijgt een team waar een euthanasie gaat plaatsvinden sindsdien ondersteuning van een psycholoog of een geestelijk verzorger. ‘We houden er in de roosters rekening mee dat een euthanasie niet altijd in de dienst van dezelfde medewerker valt. En de teamleider roostert altijd een extra kracht in op de dag dat de euthanasie wordt verleend. Want je wil niet dat als je met de familie spreekt, je pieper afgaat omdat er iemand naar het toilet moet. Een of twee weken na de euthanasie organiseren we een timeout-bijeenkomst waarin we terugblikken.’

Van Noort-Verheul heeft een lijstje gemaakt waarop vanaf 2016 is bijgehouden hoe vaak euthanasie is verleend bij WZH en door wie. Tot en met 2020 ging het gemiddeld om vijf uitvoeringen per jaar.  Veelal was Expertisecentrum Euthanasie daarbij betrokken. En soms de voormalige huisarts van een bewoner. Sinds 2021 stijgt het aantal uitvoeringen, gemiddeld gaat het nu om bijna tien per jaar, en wordt euthanasie ook steeds vaker (zestien keer in de afgelopen vijf jaar) door een van de 22 specialisten ouderengeneeskunde gedaan. In de dertien centra van WZH wonen in totaal 1370 mensen.

OP DE AGENDA

Op mijn vraag waarom eigen specialisten tegenwoordig vaker euthanasie verlenen, vertelt specialist ouderengeneeskunde Sander van den Haselkamp dat hij euthanasie een paar jaar geleden op de agenda bij de medische dienst heeft gezet. ‘We hebben toen besproken wat onze visie is en zijn tot het oordeel gekomen dat we euthanasieverzoeken van bewoners die een Wet Langdurige Zorg Indicatie hebben, zoveel mogelijk zelf gaan behandelen. Alleen complexe en heel ingewikkelde verzoeken verwijzen we tegenwoordig door naar EE.’

Dat betekent overigens niet dat alle specialisten ouderengeneeskunde van WZH euthanasieverzoeken inwilligen. ‘Ik word als lid van het expertteam tegenwoordig snel geïnformeerd en betrokken als er een euthanasieverzoek speelt’, vertelt Van den Haselkamp. ‘Ik ondersteun en begeleid vervolgens die collega’s. Als iemand morele bezwaren heeft om een euthanasie uit te voeren, bemiddel ik in het zoeken naar een andere specialist ouderengeneeskunde binnen onze organisatie. Vroeger werd dat nooit of zelden gedaan.’

Dat sindsdien het aantal uitvoeringen van euthanasie binnen de zorgorganisatie is gestegen, komt overeen met de landelijke cijfers. Dezelfde verdubbeling in cijfers zie je namelijk ook in de totale aantallen in de afgelopen tien jaar. Uit cijfers van de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie (RTE) blijkt dat in 2015 zo’n 5.516 keer euthanasie werden gemeld. Tien jaar later ging dat om 10.341 meldingen.

SCHOLING

In een klaslokaal op een andere verdieping in Sammersbrug druppelen steeds meer medewerkers binnen. De een is verpleegkundige, de ander verzorgende, casemanager dementie, geestelijk verzorger of huiskamerhulp in een van de dertien zorgcentra van WZH. Gezondheidszorgpsycholoog Maaike van Noort-Verheul geeft vanmiddag een scholing over de euthanasiewetgeving. Zorgmedewerker Aldona is nieuwsgierig naar de training. Zij heeft inmiddels een paar keer meegemaakt dat een bewoner euthanasie kreeg. ‘Ik vond dat confronterend, want in Polen, waar ik vandaan kom, kan zoiets helemaal niet.’

Maaike van Noort-Verheul trapt af met een paar stellingen. Ze vraagt de aanwezigen of ze het goed vinden dat er een euthanasiewet in Nederland is. En wat de belangrijkste redenen voor mensen zijn om voor euthanasie te kiezen. Haar gehoor komt met het ene na het andere verhaal. Iedereen heeft weleens te maken gehad met euthanasie, soms in de werkkring en vaak in hun privéleven. ‘Ik zie best vaak bij echtparen dat als een partner wegvalt, de ander stopt met eten en drinken. Dat vind ik best pittig’, vertelt zorgmedewerker Esther. 

Casemanager Urmila zegt dat een van haar cliënten van de huisarts het advies had gekregen om te stoppen met eten en drinken. ‘Gelukkig is er nu een euthanasieverzoek ingediend bij EE en hoop ik dat er een waardig einde komt voor deze mevrouw.’  Urmila hoopt in de scholing meer te horen over wat er wel en niet kan als er dementie in het spel is. ‘Ik heb ook al een digitale lezing van de NVVE gevolgd. Ik wil meer weten zodat ik mijn cliënt beter kan helpen.’

De gezondheidszorgpsycholoog neemt in een kleine twee uur de euthanasie-wetgeving door. Ze vertelt wat de zorgvuldigheidseisen zijn om in aanmerking te komen voor euthanasie en heeft het over dementie, psychisch lijden en voltooid leven. Ook gaat het over de rol van de SCEN-arts; de onafhankelijke arts die checkt of aan alle zorgvuldigheids-eisen is voldaan. ‘Ik had laatst afscheid genomen van een vrijwilliger omdat hij euthanasie zou krijgen. Alles was geregeld en toen keurde de SCEN-arts alles af. Die man was helemaal van slag’, vertelt verzorgende Daniela. ‘Dat gebeurt zelden’, reageert Van Noort-Verheul. ‘Euthanasie is ook voor een arts een grote gebeurtenis, dus over het algemeen opereert iedereen heel zorgvuldig.’

Er ontstaat een gesprek over collega’s die tegen euthanasie zijn, of die niet begrijpen waarom een bewoner dood wil. ‘Een oudere dame die er heel netjes en mooi uitzag, wilde euthanasie nadat zij haar heup had gebroken’, vertelt verzorgende Manuela. ‘Sommige collega’s snapten dat niet.’ Casemanager Urmila zegt dat die vrouw wellicht naar het moment van de euthanasie toeleefde en ‘er daarom nog zo goed uitzag’. Van Noort- Verheul laat iedereen aan bod komen, zodat er ruimte ontstaat voor verschillende perspectieven. ‘Ik gun iedere bewoner het gesprek over wat hij of zij wil aan het einde van het leven’, vervolgt ze. ‘En als je dat gesprek niet aan durft te gaan, dan hoop ik dat je de bewoner naar een andere collega verwijst. Dat hoor je te doen.’

In de groep komen steeds meer persoonlijke ervaringen los. Mensen vragen elkaar hoe zij met bepaalde situaties zijn omgegaan. Na een kleine twee uur is de scholing voorbij. Richting de uitgang tref ik bij de lift bewoonster Clementine Brakkee. Eerder die middag liet ze weten heel blij te zijn dat er scholing is voor de ruim 2300 zorg- en welzijnsmedewerkers van WHZ. ‘In de zorg zie je steeds meer mensen met een islamitische of niet-Nederlandse achtergrond werken. Euthanasie is voor hen lang niet zo gewoon als voor ons. Het is heel belangrijk dat ook die mensen leren wat wel en wat niet kan.’ •

FOTO’s: MONA VAN DEN BERG